Branders.name

links for 2006-06-14

  • Do you write and manage large CSS files? Ever get tired of scrolling up and down in search of a specific rule or set of rules? The CSS files I work with for client projects are often quite long, requiring constant scrolling up and down several screen’s
    (tags: css design tips)
  • Documentatie is een investering die je in een later stadium gemakkelijk terug gaat verdienen. Zodra je documenteert wat je doet (en waarom!) is het voor iedere ontwikkelaar duidelijk aan welke standaarden de site voldoet en zal moeten blijven voldoen. De
  • However, the differences in some of the individual tests that make up Speedmark were big enough that we rushed the black the MacBook back from its offsite photo shoot to run some more tests. After testing the white 2GHz MacBook and comparing the results t
  • Everyone’s favorite do-it-all web browser, Flock, has just achieved two great milestones. Along with the long-awaited release of their first beta (v0.7), Flock welcomes a new website designed by the talented Bryan Veloso of Avalonstar fame. Flock’s ne
  • Flock is a free web browser that makes it easier than ever to share photos, stay up-to-date with news from your favorite sites, and search the Web. Take our tour to learn what’s different about Flock, then download the beta to get started – and please tel
  • Workrave is a program that assists in the recovery and prevention of Repetitive Strain Injury (RSI). The program frequently alerts you to take micro-pauses, rest breaks and restricts you to your daily limit. Please refer to the feature comparison for a co
  • When you are learning a foreign language, you need all the help you can get. Besides applications like jVLT, jMemorize, and StarDict, there are other tools that are not designed specifically for language learning, but they can make the learning process m
  • Asterisk-based telephony solutions offer a rich and flexible feature set. Asterisk offers both classical PBX functionality and advanced features, and interoperates with traditional standards-based telephony systems and Voice over IP systems. Asterisk off
  • Change the subject line. Think of it as personal tagging. It is very easy to do. First, double click the e-mail (or hit enter) to open it in a separate window. Then put your cursor on the subject line and start typing. That s it. You can add your own refe
  • We’re drowning in email. Is it all because of spam and those CCs?
  • Trixbox enables even the novice user to quickly set up a voice over IP phone system. Trixbox can be configured to handle a single phone line for a home user, several lines for a small office, or several T1s for a million minute a month call center.
  • Have you ever wanted one of those nifty office telephone systems? You know, with extensions, your very own receptionist, voicemail for every cubicle, an intercom system and all the other bells and whistles. Unfortunately, a typical office PBX (private bra

links for 2006-06-11


links for 2006-06-10


Review: Drivel

Bloggen via internet is ook niet alles. Zeker niet als je altijd vanaf dezelfde computer je berichten schrijft. Dan kan je even goed gebruik maken van een zogenaamde web client. Zo’n programma legt dan verbinding met je weblog. Je typt je tekst dan “offline” en stuurt deze pas daarna je weblog op.

Aan deze manier van werken zijn er enkele voordelen verbonden:

  • Als je nog via de telefoonlijn werkt, hoef je niet constant online te zijn (maar zeg nu zelf, wie werkt er in België nog via de telefoonlijn én blog?)
  • Je hebt de mogelijkheid om drafts op te slaan én je sessie verloopt niet (ooit al eens een half uur getypt aan een tekst waarna je een server time-out krijgt?)
  • Integratie met je desktop (handig als je niet altijd een browser moet starten)

Yours truly heeft vandaag Drivel uitgeprobeerd. Drivel is een weblog client die de meest courante weblogsystemen ondersteunt (WordPress, Blogger, MovableType, …). Gezien ik in het dagelijks leven gebruik maak van Slackware, is Drivel natuurlijk een Linux-only programma. Windows en Mac-gebruikers kijken best eens naar Ecto.

Screenshot Drivel

Drivel zelf is vrij minimalistisch. Eénmaal je ingelogd bent, kom je onmiddellijk in het “Edit” venster terecht. Via het menu heb je toegang tot de vorige 15 berichten. Als je een ouder bericht wilt bewerken, moet je dus toch inloggen in WordPress (of een ander weblogsysteem). Het minimalisme gaat zover dat je zelfs maar één categorie kan kiezen voor je weblogpost, zelfs al ondersteunt WordPress er meer dan één. Dat is wel een nadeel, hoewel je met één categorie eigenlijk ook al toekomt.

Persoonlijk zou ik nog graag een weblog client met Markdown ondersteuning zien. Ecto heeft dit, en dit mis ik toch wel bij Drivel. Markdown maakt het bloggen, en screenwriting in het algemeen, heel wat makkelijker voor mij. Dit mag dus zeker niet ontbreken in een weblog client. Een simpele implementatie zou een “Live Preview” kunnen zijn, waar de gtypte tekst in Markdown rechtstreeks (live) naar HTML omgezet wordt. Maar zo’n editor ben ik nog niet tegengekomen.

Conclusie: zonder meer een handig hulpmiddel bij het bloggen, maar er zijn zeker nog mogelijkheden tot verbetering. Als je een courante blogger bent, dan probeer je best zelf eens verschillende weblog clients uit. Misschien vind je achteraf de webinterface toch handiger… ;-)


Respect voor open source vrijwilligers

Even een rant…

Gisteren kreeg ik een mailtje binnen via het contactmailadres van Mozilla Europe (dat trouwens niet dient voor support). Die persoon, een ‘Ollander waar ik op internet veel over terugvond (blijkbaar lector aan de TU Delft), zei in twee regeltjes dat het Engels dat gebruikt wordt op de Mozilla Europe pagina’s klaarblijkelijk is geschreven door een Chineesje dat net van de basisschool af is.

Niet alleen beledigde hij daarmee meer dan een half miljard mensen, maar ook nog alle open source-medewerkers die hun hard best doen om een goed product af te leveren.

Niet iedereen staat er bij stil dat er vrijwilligers aan de andere kant zitten, die hun vrije tijd opofferen om aan software te werken, die anderen ten goede komt en waar zij niets aan verdienen.

Sommige mensen, zoals deze Ph.D.’er, hebben het lef om dan nog te zeggen dat het niet goed genoeg is. Wel, dat het niet goed is, stoort me nog niet, zolang men maar zegt wát er juist niet goed is, maar dat weet ik nog altijd niet juist. Enkel dat het Engels op niets lijkt. ‘t Is niet omdat je een boek schrijft, dat je dat het recht geeft om andere mensen terecht te wijzen.

Dat maar om te zeggen dat er ook mensen zijn, die geen respect hebben voor andermans werk. (Dit is trouwens niet het eerste mailtje dat ik zo via Mozilla Europe ontvang).


Goedkope Bluetooth gsm?

Ik zoek een goedkope Bluetooth gsm. Is dat een tegenstrijdigheid?

De goedkoopste gsm met Bluetooth die er ook nog een beetje goed uitziet, kost al gauw 140 EUR. Veel hoeft de gsm niet te kunnen, enkel bellen en sms’en … en met Bluetooth-ondersteuning dus. Blijkbaar spring je ineens naar een categorie hoger als je Bluetooth wilt, want dan krijg je er ook een camera bij (who cares?) en veel spelletjes (nog zoiets…).

Waarom zoek ik een goedkope Bluetooth gsm? Om het mezelf makkelijker te maken. Ik heb een Tungsten E2, daarmee kan ik gegevens via Bluetooth doorsturen. Ik kan dus sms’en en iedereen uit m’n contactenlijst opbellen vanuit m’n Palm. Dan nog een headset erbij en de gsm kan rustig in m’n zak blijven zitten.

Bestaat er zo’n “basis” Bluetooth gsm’etje of verlang ik nu het onmogelijke?


Freedom of choice

Amaai, amaai. Ik ben enkele dagen niet meer op de pc geweest en er is in het Vlaamse blogland blijkbaar al een heftige discussie gaande over wat nu het beste is: Firefox of IE7.

Hoewel ik zelf een Firefox-gebruiker ben, moet ik toch zeggen: grow up! Iedereen kiest zelf voor wat hij of zijn het best/leukst vindt. En als je niet met de keuze van iemand ander kan leven, wel, heb dan meedelijden met hen (net zoals de nieuwe infomercial over roken die ze in de cinema’s draaien).

Internet Explorer is niet de beste browser, maar Firefox is ook niet foutloos. En Firefox vergelijken met IE7 is appelen met peren vergelijken: je vergelijkt een bèta-versie van IE met een stabiele versie van Firefox 1.5. En dan nog, tegen de tijd dat IE7 op de markt komt, zitten we in het Firefox 2.0 tijdperk (FYI: Firefox 2.0 alpha is er al, de stabiele versie is voor tijdens de grote vakantie).

Begin dus niet blind te vergelijken, werk gewoon met wat jij het liefst werkt. Not happy with it? Verander dan van browser. Keuze genoeg!


Whohoow! Werk!

Ik heb vast werk! Uiteindelijk heb ik hiervoor 14 dagen moeten zoeken (wat niet zoveel is). Ik heb in totaal gesolliciteerd bij een 40-tal bedrijven (ook spontane sollicitaties) en ben zo’n 8 sollicitatiegesprekken gaan doen. Dat ging dus vrij vlot allemaal. Het enige dat “negatief” was voor de bedrijven waarbij ik solliciteerde, was dat ik geen ervaring had. Maar je moet natuurlijk ergens beginnen als pas afgestudeerde.

Ik ga nu werken voor Kenaz. Dit is een bedrijf dat communicatietrainingen geeft aan managers (je moet maar eens naar hun referenties kijken als je een idee wilt krijgen van de klanten). Aangezien ik me altijd al geïnteresseerd heb in communicatie (en alles wat daarrond hangt), vind ik het wel een zeer leuk bedrijf. Dan kan je immers zelf nog iets praktisch bijleren.

Het bedrijf ligt in Korbeek-Lo, wat niet zo erg ver van de deur is. Het spijtige is wel dat ik met de bus eerst naar Leuven moet, om dan op een andere steenweg terug te keren, zodat ik eigenlijk een heel stuk omrij…

Hoe heb ik het vastgekregen? Je gaat het niet geloven … via de school! Onze school heeft een soort vacaturedienst die vacatures verzamelen en uitsturen, maar die dienst kan ook aangeschreven worden door bedrijven om mensen te vinden die net afgestudeerd zijn. En op de laatste manier ben ik er dus geraakt. Dus een gouden tip: laat zeker je naam achter bij de vacaturedienst van je school!

Het gaat in het begin alleszins hard werken zijn. Je moet immers het bedrijf en de diensten wat leren kennen eer je er vlot mee kan omgaan. Dat wilt dus ook zeggen dat ik het de volgende maand internetgewijs wat kalmer aan ga doen. Ik ga me beperken tot mailen en het lezen van feeds. Alle andere projecten zullen even aan de kant moeten, tot ik wat ingewerkt ben.

Het zal dus misschien even stilletjes worden. Dat wilt niet zeggen dat ik er niet meer ben, maar dat ik gewoon veel werk heb. ;-)


Jabber wint snel terrein

Dit artikel heb ik samen met Jeroen Budts geschreven. Het artikel is verschenen in OpenMagazine n°8 (februari 2005). OpenMagazine is ondertussen herdoopt tot Livre.

‘To jabber’: uitkramen, afrafelen. ‘Jabber’ kan je uitspreken als ‘dzjebbe’, maar je kan het natuurlijk ook op z’n Nederlands lezen. Instant messaging is bijna niet meer uit de internetwereld te bannen. Het is nog steeds één van de meest gebruikte manieren, naast IRC (Internet Relay Chat), om online met elkaar in contact te komen. Enkele jaren geleden was ICQ zowat de enige manier om instant messaging berichtjes te versturen. Tegenwoordig is MSN Messenger, zeker in België en Nederland, het meest gebruikte programma voor dit doel. In de Verenigde Staten wordt AOL Messenger dan weer meer gebruikt. In deze coverstory belichten Ben Branders en Jeroen Budts Jabber, een vrij nieuw instant messaging protocol dat een snelgroeiende groep van gebruikers heeft.

Instant messaging, afgekort tot IM, is een systeem waarmee twee of meer mensen op een directe manier met elkaar kunnen communiceren via korte tekstberichtjes. Instant messaging kan vergeleken worden met een gesprek dat je via de telefoon voert. Het grote verschil is dat je een computer, of een vergelijkbaar toestel, gebruikt en je meestal typt in plaats van spreekt. Bij de meeste instant messaging-diensten kan je aan mensen in je contactenlijst, ook buddies genoemd, laten zien of je al dan niet online bent, zodat ze je kunnen aanspreken. Bij de meeste diensten kan je bovendien ook andere statusberichten instellen, bijvoorbeeld wanneer je even weg bent. Verder is het bij sommige diensten ook mogelijk om een berichtje te sturen naar iemand die offline is. De persoon ontvangt dit berichtje dan op het moment hij zich op het netwerk aanmeldt, wat vergelijkbaar is met een antwoordapparaat.

De geschiedenis van IM gaat terug naar 1996, toen 4 Israëlische computerliefhebbers zich realiseerden dat er miljoenen mensen op hetzelfde moment online waren, maar niemand rechtstreeks met elkaar kon communiceren. Samen schreven ze het eerste IM-programma en gaven het de naam ICQ (uit te spreken als: I seek you). Binnen 6 maanden waren er 850 000 geregistreerde ICQ-gebruikers. Natuurlijk wilden de grote bedrijven hun graantje meepikken en ontwikkelden ze hun eigen instant messaging-systemen. America Online (AOL) ontwikkelde AIM, Microsoft probeerde het met MSN Messenger en ook Yahoo! ontbrak niet in de strijd. Later nam AOL het bedrijf Mirabilis, en daarmee ook ICQ, in juni 1998 over.

Er was nu een aantal instant messaging-netwerken beschikbaar waaruit de gebruiker kon kiezen. Er was echter één probleem. Als je één bepaald netwerk gebruikte, kon je enkel met andere mensen chatten die voor hetzelfde netwerk hadden gekozen. Wilde je met iemand van een ander netwerk chatten, dan moest één van de twee personen zich ook op dat andere netwerk registreren en de daarvoor benodigde programma’s installeren. Dit wordt veroorzaakt doordat de verschillende netwerken intern allemaal op een andere manier werken en de verschillende bedrijven, zoals AOL en Microsoft, geen informatie over deze werking wilden vrij geven. Deze incompatibiliteit is verre van handig, zeker als je het zou vergelijken met e-mail. Het zou er dan op neerkomen dat je via je Yahoo!-e-mailadres enkel kan mailen met andere mensen met een Yahoo!-adres. In het geval je een mailtje zou willen sturen naar iemand met een Gmail-adres, zou je eerst zelf een Gmail-adres moeten registreren…

Dit probleem kon op twee manieren opgelost worden. Ofwel gaf er een bedrijf de werking van z’n netwerk prijs, zodat het de standaard werd en door iedereen kon gebruikt worden, ofwel werd er een volledig nieuw netwerk gebouwd in de vorm van een open standaard. Omdat sommige bedrijven hun protocollen nu eenmaal liever geheim houden, meestal uit angst om gebruikers te verliezen, leek de tweede mogelijkheid, een open standaard voor IM, de aangewezen oplossing.

Al in 1998 begon Jeremie Miller met het Jabber-project. In mei 2000 gaf hij de eerste versie vrij. In augustus 1999 vroeg Miller steun aan de Jabbergemeenschap om van Jabber een erkende standaard te maken. Spijtig genoeg werd dit voorstel afgekeurd door de Internet Engeneering Task Force (IETF), de organisatie die instaat voor internetstandaarden. Jabber werd echter niet zo snel opgegeven. Er werd een werkgroep opgericht, de XMPP Working Group, om de standardisatie van Jabber in goede banen te leiden. Deze werkgroep diende begin 2003 een nieuw voorstel in bij het IETF. Ditmaal werd de standaard wel goedgekeurd, waardoor XMPP/Jabber nu een officieel erkende internetstandaard is.

Jabber

Instant messaging behoort in wezen niet toe aan een bedrijf, zoals AOL of Microsoft. Het is het werk van een aantal enthousiastellingen. Onthoudt dus dat Jabber geen programma is, zoals MSN Messenger en dat je Jabber ook niet kunt ‘installeren’. Jabber is een protocol voor instant messaging. Een protocol is een soort afspraak over hoe een bericht van plaats A naar plaats B moet gaan. De programma’s die met Jabber kunnen werken (die deze afspraken dus toepassen), noemen we Jabberclients of kortweg clients. Deze clients kunnen met elkaar communiceren door middel van het Jabberprotocol.

Je vraagt je misschien af waarin Jabber verschilt van bijvoorbeeld MSN. Het grootste verschil is dat Jabber volledig open is. Dit ‘open zijn’ weerspiegelt zich in de manier van werken. Om te kunnen communiceren maakt Jabber gebruik van eXtensible Markup Language (XML). Je zou het kunnen omschrijven als een manier om open te kunnen communiceren. XML is niets anders dan platte tekst met enkele speciale tags, zoals je die ook in bijvoorbeeld XHTML (eXtended HyperText Markup Language) ziet. Iedereen die dat wil, zou een Jabberbericht kunnen ontleden. Sommige Jabberclients hebben een ingebouwde mogelijkheid om de verzonden en ontvangen XML-code te bekijken. Een stukje XML-code zou er zo uit kunnen zien:

<message type="chat" to="edgar@jabber.netflint.net" >
   <body>Dag Edgar!</body>
 </message>

In mensentaal staat er dat ik een chatbericht verzonden heb naar een zekere Edgar met de tekst “Dag Edgar!”.

Deze manier van werken biedt ongekende mogelijkheden. Zo kan iemand een programma schrijven om zich iedere morgen om 7 uur aan te melden met het bericht ‘A brand new day’. Overigens bestaan er ook al verschillende niet-IM Jabbertoepassingen. Zo is er een wereldkaart die toont wie er online is. Natuurlijk gaat dat alleen op als je je aanmeldt voor die extra dienst. Er is ook een Jabberbot, genaamd Edgar (ja, daar hebben we juist mee kennisgemaakt). Deze ‘bot’ kan niet enkel tonen hoeveel gebruikers er ingelogd zijn, maar ook bijvoorbeeld herinneringen (reminders) instellen en de huidige tijd weergeven.

Aan het Jabberprotocol wordt constant gewerkt. Regelmatig worden er nieuwigheden aan toegevoegd om zo aan de wensen van de gebruiker tegemoet te komen. Zo wordt momenteel hard gewerkt om het protocol voor VoIP (Voice Over IP, bellen via je internetverbinding) uit te werken.

Zo nu en dan hoor je, als je het over Jabber hebt, ook de term XMPP vallen. Wat is XMPP? XMPP staat voor eXtended Messaging Protocol en is de eigenlijke standaard die goedgekeurd is door het IETF. Jabber is dus de vormgeving van deze XMPP-standaard, samen met enkele uitbreidingen, zoals bijvoorbeeld de mogelijkheid om bestanden door te sturen.

Romeo en Julia

Nu weet je wel wat Jabber is, maar nog niet hoe het versturen van berichten werkt. De werking van Jabber kan het best geïllustreerd worden met een verhaaltje. Onze hoofdpersonages zijn Romeo en Julia, 2 bekende personages van Shakespeare. Romeo staat in de boomgaard van de Capulets, terwijl Julia op haar balkon op haar minnaar wacht.

Nu stuurt Julia geen direct bericht (‘peer to peer’ of ‘P2P’) naar haar Romeo, althans toch niet in de Jabberwereld. Julia heeft een account op een Jabberserver en haar Jabberadres (dit noemen we ook wel een Jabber ID of ‘JID’) lijkt sterk op een e-mailadres. Omdat Julia een Capulet is, registreert ze haar gebruikersnaam bij de Jabberserver die draait op capulet.com, dus haar JID is julia@capulet.com. Romeo daarentegen heeft een account op de server van zijn familie en zijn JID is romeo@montague.net.

Eenmaal Julia ingelogd is op de capulet.com server, kan ze berichten sturen naar haar grote liefde. Om preciezer te zijn, gebeurt het volgende wanneer Julia onder Windows Exodus (een Jabberclient) start op haar laptop op het balkon:

  1. Julia stuurt haar bericht naar romeo@montague.net
  2. Het bericht wordt verwerkt door de Jabberserver op capulet.com
  3. De capulet.com server opent een verbinding naar de server montague.net
  4. In de veronderstelling dat de ouders de server-naar-server communicatie tussen capulet.com en montague.net niet uitgeschakeld hebben, wordt Julia’s bericht naar montague.net gestuurd
  5. De server van montague.net ziet dat het bericht gericht is aan een gebruiker die ‘romeo’ noemt en bezorgt het aan de Jabberclient die draait op Romeo’s Linux laptop in de boomgaard van de Capulets
  6. Het bericht verschijnt in Gabber en Romeo bezwijmt

Uit dit korte verhaaltje kunnen we enkele conclusies trekken:

  • Jabberclients kunnen draaien op verschillende besturingssystemen.
  • Je kan gelijk welke Jabberserver gebruiken.
  • Je bent niet gebonden aan één programma.

Op alle mogelijke niveaus van de communicatie via Jabber ben je vrij om te kiezen. Dit is één van de redenen waarom Jabber steeds populairder wordt, zeker in de open source wereld.

Transports

Transports zijn een belangrijk onderdeel van Jabber. De meeste mensen willen ook kunnen spreken met hun contactpersonen die geen gebruik maken van Jabber. Het is handig als je dat allemaal in hetzelfde programma kan doen. Transports zijn een middel om te communiceren met andere netwerken. Momenteel zijn er transports voor MSN, ICQ, Yahoo, AIM en andere minder bekende netwerken zoals Gadu-Gadu.

Jabber schematisch voorgesteld

We moeten hier een duidelijk onderscheid maken tussen programma’s die meerdere protocols ondersteunen (zoals GAIM en Trillian) en tussen de Jabberclients waar je een transport gebruikt. Een programma dat meerdere protocols ondersteunt, stuurt het bericht dat je verstuurt rechtstreeks naar de server van bijvoorbeeld MSN of ICQ.

Een Jabbertransport werkt op een andere manier. Het bericht gaat eerst naar de Jabberserver en wordt dan naar de MSN- of ICQ-server gestuurd. In werkelijkheid merk je hier niets van. Transports zijn ontworpen voor de gemakkelijkheid en voor de volledigheid van Jabber. De huidige transports ondersteunen nog geen bestandsoverdrachten (filetransfers). In toekomstige versies zit dit al wel ingebouwd.

Welke transports je kan gebruiken, is eigenlijk niet afhankelijk van je server. Je kan transports gebruiken die op andere publieke servers staan. Hierdoor hang je niet volledig af van je eigen server, wat de gebruiksvriendelijkheid van het systeem ten goede komt.

Mogelijkheden

Met Jabber kan je verschillende richtingen uit. Je hebt natuurlijk de gewone chat, zoals je die kent van MSN of ICQ. Je contactpersoon typt een bericht en jij ziet dit in het chatvenster verschijnen. Jabber heeft echter nog een tweede modus, namelijk ‘berichten’. Met deze modus kan je een volledig bericht naar je contactpersoon sturen, net alsof het een mail was. Deze laatste methode is uitermate geschikt voor langere berichten.

Handig om te weten is dat Jabber de berichten (zowel chat- als gewone berichten) op de server opslaat als jij offline bent. Als je online komt, wordt het bericht alsnog getoond. Je kan dus ook berichten ontvangen als je niet online bent!

Een tweede belangrijke mogelijkheid is MUC. MUC staat voor Multi User Chat. Verschillende gebruikers kunnen een ‘room’ of ‘vergaderruimte’ betreden en met elkaar chatten. MUC lijkt zeer sterk op IRC. Spijtig genoeg ondersteunen de meeste Jabberclients MUC nog niet. Sommige Jabberclients ondersteunen wel al groepchat, wat een afgezwakte vorm is van MUC. Bij veel clients is MUC wel al in volle ontwikkeling. In de toekomst zullen de meeste clients dit gaan ondersteunen.

Jabber ondersteunt ook bestandsoverdrachten naar andere Jabbergebruikers. Momenteel is het nog niet mogelijk om bestanden bijvoorbeeld naar een MSN-gebruiker te sturen, maar er wordt op dit gebied ook grote vooruitgang geboekt.

Om je chats veilig te stellen, ondersteunt Jabber ook encryptie door middel van GnuPG. Je kan je berichten dus versleuteld over het internet zenden. Zeer handig als je niet wilt dat de administrator van je bedrijf/school ‘meeluistert’. Voorwaarde is wel dat je contactpersoon ook GnuPG gebruikt. Wederom werkt dit niet met niet-Jabbergebruikers, simpelweg omdat MSN, ICQ e.a. geen encryptie ondersteunen.

De mogelijkheden van Jabber blijven niet beperkt tot enkel instant messaging. Denk bijvoorbeeld aan de Jabber Wereldkaart waarmee het mogelijk is om te zien waar een Jabbernaut zich bevindt en welke status hij of zij momenteel heeft. Er bestaan ook al bots om speciale functies uit te voeren. Zo kan Edgarje status weergeven op een website aan de hand van tekst of een afbeelding. Er zijn reeds transports die het mogelijk maken om SMS’jes te versturen (nog in een experimentele fase) en transports waarmee je mail kan versturen en ontvangen.

Jabber is ook zeer handig voor bijvoorbeeld systeemadministrators. Zo is het mogelijk om, met een simpel scriptje en sendxmpp, op de hoogte te blijven van de toestand van je systeem. Zo kan je bijvoorbeeld een waarschuwing via Jabber ontvangen als één van de harde schijven volraakt.

Je ziet, de mogelijkheden van Jabber zijn bijna onbegrensd…

Enkele clients

Pandion

Pandion is een Jabberclient van Belgische makelij die vrij veel weg heeft van het veel gebruikte MSN Messenger. Van de drie clients die we bespreken is dit het enige ‘closed-source’-programma, maar je kan het wel volledig gratis gebruiken. Pandion zal vooral de gewone computergebruiker aanspreken die toch eens van Jabber wil proeven. Pandion is dan ook een zeer goede keuze voor een eerste kennismaking met Jabber.

Chatvenster van Pandion

Het programma oogt niet alleen mooi, het is ook erg gebruiksvriendelijk. Het aanmaken van een Jabber ID doe je doormiddel van een duidelijke wizard die je snel door het hele registratieproces loodst. Deze wizard schotelt je ook onmiddellijk enkele veelgebruikte Jabberservers voor. Als standaard stelt Pandion de eigen pandion.be Jabberserver voor. Voor beginners is dit geen slechte keuze, vermits je dan ook onmiddellijk gebruik kan maken van de transports die deze server aanbiedt. Kies je voor een server die geen transports aanbiedt, zoals jabber.org, dan zal je hier geen gebruik van kunnen maken, vermits je je met Pandion niet op transports van andere servers kan aanmelden.

Dat is dan meteen één van de mindere punten van Pandion. Om alles zo gebruiksvriendelijk mogelijk te houden, is de functionaliteit van het programma niet altijd even uitgebreid als die van andere Jabberclients, zoals bijvoorbeeld Psi. Waar je bij Psi dus nog de mogelijkheid hebt om transports te zoeken op een andere server, kan dit via Pandion niet. Dit maakt de keuze van een goede server dus iets belangrijker als je Pandion gebruikt.

Gaim

Gaim is een zogenaamde ‘multi-protocol’ client. Dit wil zeggen dat je je op verschillende IM-netwerken tegelijkertijd kan aanmelden, zonder gebruik te maken van transports. In het uitgebreide lijstje van ondersteunde netwerken vind je onder meer MSN, ICQ, AIM en natuurlijk ook Jabber.

Het chatvenster van Gaim.

Een programma zoals Gaim heeft het voordeel dat je je eerste stappen met Jabber kan wagen, zonder dat je je al onmiddellijk moet verdiepen in het gebruik van transports om je aan te melden op bijvoorbeeld MSN. Natuurlijk heeft Gaim nog een hele reeks andere sterke punten. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om je status op het ene netwerk in te stellen op ‘bezet’, terwijl je op het andere netwerk gewoon online bent. Ook handig is de functie waarmee je contacten, die zelf ook op verschillende IM-netwerken aangesloten zijn, kan groeperen zodat ze maar als één contact verschijnen.

Gaim is oorspronkelijk een Linux-programma, maar er zijn ook versies beschikbaar voor Windows, Mac OS X en BSD. Hierdoor kan het programma voor Windows-gebruikers in het begin wat raar overkomen, omdat Gaim er niet helemaal uitziet als een standaard Windows-programma, maar dit zal snel wennen.

Hoewel Gaim verschillende netwerken ondersteunt, kan Gaim niet altijd alle mogelijkheden van de verschillende IM-netwerken gebruiken. Zo is het bijvoorbeeld niet mogelijk om met Gaim een transport toe te voegen aan je Jabberaccount. Het programma is echter constant in ontwikkeling, waardoor er regelmatig nieuwe versies beschikbaar zijn met nieuwe functionaliteit. Bovendien is het programma uitbreidbaar met plugins, zodat je nog extra mogelijkheden kan toevoegen. Een plugin die de gebruikers van MSN Messenger zeker zullen waarderen is Guifications. Deze plugin toont kleine pop-up’s in de rechterbenedenhoek van het scherm, wanneer je contactpersonen zich aanmelden of van status veranderen, een optie zoals je dat gewend bent van MSN Messenger.

Psi

Het ontwikkelteam van Psi heeft zich als doel gesteld om een zéér krachtige, maar toch gebruiksvriendelijke, Jabberclient te maken. En dat lukt hen aardig. Psi is één van de meest volledige Jabberclients, maar dat maakt het programma ook iets ingewikkelder in het gebruik. Psi is met andere woorden eerder een client voor mensen die al een beetje ervaring hebben met Jabber en/of het uiterste uit Jabber willen halen. Onder de geavanceerdere functies vinden we onder meer encryptie met behulp van GnuPG terug. Zoals je in het septembernummer van OpenMagazine kon lezen kan OpenPGP gebruikt worden om Jabberberichten te versleutelen. Het geeft sommige mensen een veiliger gevoel als je er zeker van bent dat niemand anders je gesprek kan meelezen.

Een andere zeer goed uitgewerkt functie is de ‘Service Discovery’. Hiermee kan je naar allerlei diensten op de server zoeken. Je gebruikt het onder meer om naar andere contactpersonen te zoeken en chatkanalen te vinden. Je kan deze functie ook gebruiken om naar transports op andere servers te zoeken. De grote flexibiliteit van Service Discovery zit in het feit dat je zoektocht naar diensten niet beperkt moet blijven tot de eigen Jabberserver, wat met Pandion wel het geval is. In Psi kies je zelf welke server wilt verkennen. Hierdoor kan je je ook inschrijven op diensten van andere servers die je eigen server niet aanbiedt. Dit is wel een voordeel, want dan is de keuze van server bij het aanmaken van je account plots een heel stuk minder belangrijk.

Het zal je misschien al eens voorgevallen zijn dat je op een netwerk waar je maar een bepaald aantal diensten mag gebruiken, zoals het web en e-mail, stiekem toch wel graag zou willen chatten. Met Psi heb je een goede kans dat dat kan! Psi biedt namelijk ondersteuning voor het zogenaamde ‘HTTP-Polling’. Hierbij worden de Jabberberichten niet over de standaard Jabber poort verstuurd (5222), maar over de poort waarop standaard alle webservers draaien (80). Op vrijwel alle firewalls staat deze poort open, omdat er anders niet gesurft kan worden. Houdt er wel rekening mee dat je HTTP-Polling slechts als laatste hulpmiddel mag gebruiken, omdat het vrij veel bronnen vraagt van de Jabberserver en niet altijd even goed werkt.

Nog een handigheid aan Psi is het gebruik van zogenaamde ‘profielen’. Deze profielen worden gebruikt om verschillende sets met verschillende instellingen te maken, bijvoorbeeld op je laptop een profiel kunnen maken voor op het werk en een ander profiel voor thuisgebruik. Je kan ook aan iedere persoon in je gezin een ander profiel toewijzen. Aan ieder profiel kan je één of meerdere Jabberaccounts hangen, zodat je met meerdere accounts tegelijkertijd kan aanmelden. Hoewel dit handig kan zijn, is de uitwerking hiervan niet zo doordacht als de manier waarop Gaim met meerdere accounts omgaat. Psi zet alle rosters van de verschillende accounts onder elkaar, waardoor je een lange lijst kan krijgen waarin sommige groepen bovendien meerdere malen voorkomen.

Jabber in de praktijk

In dit praktijkvoorbeeld gaan we van volgende situatie uit: de gebruiker is een standaard computergebruiker die op Windows draait en ervaring heeft met MSN. Nu wil hij Jabber leren kennen, in eerste instantie zonder transports. We beginnen met Pandion en een jabber.org-account. Later wil de gebruiker volledig overstappen op Jabber en transports en andere diensten gaan gebruiken. Daarom stapt hij in een later stadium over op Psi.

Nu je al dat moois hebt gehoord over Jabber, sta je mogelijk te springen om het zelf te proberen, maar zie je misschien door de bomen het bos niet meer. Wanneer je met Jabber voor de eerste keer aan de slag gaat, moet je immers wat meer keuzes maken dan bij de andere IM-netwerken. Het zijn echter net die keuzes die je alle vrijheid geven die Jabber geeft. Deze keuzes vormen de basis voor de vrijheid en openheid van Jabber.

Om met Jabber van start te gaan, moet je twee keuzes maken. Ten eerste moet je een Jabberserver kiezen. Ten tweede een programma waarmee je wilt verbinden op het Jabber-netwerk, de zogenaamde ‘client’. Vooral de keuze van de server is belangrijk, want deze keuze kan je later moeilijk wijzigen, tenzij je terug van nul zou beginnen.

We beginnen met het kiezen van de geschikte server. Hierbij moet je jezelf vooral de vraag stellen welke diensten je wilt gebruiken. Op de website van Jabber vind je een mooi overzicht van servers die voor het publiek toegankelijk zijn. Je vindt er eveneens een mooi overzicht van de diensten die deze servers wel of niet aanbieden. Wil je bijvoorbeeld een beveiligde verbinding door middel van SSL gebruiken, dan dien je daarmee rekening te houden bij het kiezen van de server.

In dit voorbeeld kiezen we voor de server van Jabber.org. Deze server heeft niet veel extra diensten, maar vermits we enkel het gebruik van Jabber willen verkennen voldoet dit. Bovendien is het zowat de meest gebruikte Jabberserver en heeft hij een goede ‘uptime’.

Nu we een server hebben gekozen moeten we een tweede keuze maken: de client. Deze keuze is echter minder belangrijk, omdat je op eender welk moment een andere client kan installeren en gebruiken. Het is zelfs mogelijk om twee of meerdere clients op hetzelfde moment te gebruiken, met hetzelfde Jabber ID. De beste manier om jouw favoriete programma te vinden is eenvoudig weg door verschillende programma’s uit te testen. Een goed overzicht van alle beschikbare clients vind je op de website van Jabber.

Om snel aan de slag te kunnen, kiezen we Pandion als onze eerste client.

Nadat je het programma hebt geïnstalleerd en opgestart, zie je het venster waarmee je jezelf aanmeldt. Omdat we nog geen Jabberaccount hebben kiezen we voor ‘Registreren’. Daarna leidt een wizard je door het registratieproces. Eerst typ je je naam. In het volgende venster kies je één van de servers uit het lijstje, of typ je er zelf een. Zoals gezegd, kiezen we hier voor jabber.org (In het geval je nu al weet dat je ook van transports wil gebruikmaken en enkel Pandion wil gebruiken is pandion.be als server hier misschien een makkelijkere keuze). In het vak ‘Gebruiker’ typ je de gewenste gebruikersnaam. Dit is het gedeelte voor de @ in je toekomstige Jabber ID. Nadat je je wachtwoord tweemaal hebt ingevoerd, klik je op ‘Volgende’. Pandion zal nu je Jabber ID proberen aan te maken op de door jou gekozen server. Nadien kan je je aanmelden op het Jabber-netwerk door je Jabber ID uit het lijstje te kiezen (of in te typen), je wachtwoord in te voeren en op ‘Aanmelden’ te klikken.

Pandion registratiescherm

Nu je aangemeld bent, kan de pret beginnen. Natuurlijk begin je met enkele mensen toe te voegen aan je ‘roster’. Hiervoor kies je in het menu ‘Acties’ voor ‘Een persoon toevoegen’. Als je het Jabber ID hebt van de persoon die je wenst toe te voegen, kies je hier voor de tweede optie en typ je dit in het vak ‘adres’ in. Als je nog niemand kent met Jabber kan je dit proberen met eliza@swissjabber.org, een interactieve bot waar je tegen kan praten en die antwoord probeert te geven of dict@openaether.org, een bot die ieder woord dat je er tegen zegt opzoekt in het woordenboek. Nu ben je écht klaar om te beginnen ‘Jabberen’. Een gesprek kan je starten door op de naam van de gebruiker te dubbelklikken. Typ een bericht zoals je dat gewoon bent uit andere IM-programma’s en druk Enter om het bericht te verzenden.

Nu we de basiswerking van Jabber hebben verkend, willen we wat meer en geavanceerdere functies van Jabber gaan gebruiken. Daarom schakelen we over op Psi als Jabberclient. Nadat je Psi hebt gedownload, geïnstalleerd en opgestart, krijg je het venster waar je een profiel kan kiezen. Aangezien er in het begin nog geen profielen aanwezig zijn, moet je er eerst één maken. Dit doe je door op ‘Profiles’ te klikken en dan op ‘New’. Nu kan je een naam voor je profiel invoeren en op ‘Create’ klikken. In de toekomst kan je het zonet aangemaakte profiel kiezen en je hoeft het dus niet iedere keer opnieuw aan te maken. Nadat je je profiel gekozen hebt, krijg je een venster gepresenteerd waarin je je account kan toevoegen aan je profiel. De werkwijze hiervan is net hetzelfde als bij Pandion. Hierna wordt het hoofdvenster van Psi weergegeven waarin je roster getoond wordt. Personen kan je toevoegen door op de knop met het Psi-logo onderaan te klikken en dan te kiezen voor ‘Add a contact’.

Zoals gezegd willen we nu wat geavanceerdere functies van Jabber gebruiken, zoals een transport naar MSN. Om een transport te kunnen toevoegen in Psi moet je een ‘Service Discovery’ uitvoeren. Dit doe je door op de knop met het Psi-logo te klikken en ‘Service Discovery’ te kiezen. Na enkele seconden krijg je een lijstje te zien met diensten die jouw Jabberserver ondersteunt. Voor jabber.org is dit bijvoorbeeld ‘JUD’, ‘Bytestream’, public en private chatrooms en PubSub. Staat de gezochte dienst, in ons geval een MSN-transport, niet tussen de lijst dat zal je een dienst van een andere server moeten gebruiken. Hiervoor typ je het adres van de andere Jabberserver in het adresvak in en klik je op ‘Browse’, zodat je op die server terechtkomt. Wanneer je de dienst hebt gevonden, klik je er met de rechtermuisknop op en kies je voor ‘Register’. Nu krijg je een formulier waarin je je gegevens moet invullen, afhankelijk van de dienst. Voor MSN zal je bijvoorbeeld je login en wachtwoord moeten invoeren. Als je dit formulier hebt ingevuld, is de dienst geregistreerd en wordt deze dienst toegevoegd aan je roster. Andere netwerken, zoals ICQ en Yahoo!, kan je op dezelfde manier toevoegen.

Service discovery in Psi

Vanaf nu kan je dus het MSN-transport gebruiken. In ons geval houdt dat in dat je MSN-gebruikers kan toevoegen aan je roster net alsof deze op het Jabbernetwerk zitten. Dit kan je door opnieuw ‘Add a contact’ uit het menu te kiezen. Selecteer MSN uit de ‘service’-lijst, geef het MSN-adres in en klik dan op de knop ‘Get Jabber ID’. Het contact zal aan je lijst met contactpersonen (roster) toegevoegd worden en je kan er mee communiceren net zoals je dat met andere gebruikers zou doen.

Jabber in het bedrijfsleven

Jabber heeft ook een belangrijke meerwaarde voor bedrijven. Het is immers mogelijk om in het bedrijf een Jabberserver te installeren die enkel dient voor intern gebruik. Op die manier kunnen de werknemers met elkaar chatten, zonder dat de veiligheid van het bedrijf in het gedrang komt. Alle chatberichten blijven immers binnen het bedrijf zelf en gaan niet via publieke servers. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld bedrijfsgeheimen niet onderschept worden door eventuele luistervinken.

Voor bedrijven is Jabber zeker een aanwinst en misschien ook daarom dat grote namen als IBM, Hitachi en HP hun schouders al gezet hebben onder deze technologie.

Translation in progress

Zoals bij vele andere open source projecten, zijn al verschillende inspanningen gebeurd op vertaalgebied. Omdat er verschillende Jabberonderdelen (clients, servers, documentatie, ¿) zijn, is er zeer veel vertaalwerk. De bekendste Jabberclients zijn reeds volledig vertaald. De vertalingen worden ofwel als aparte downloads aangeboden (Psi) ofwel zit de vertaling al bij het programma (Pandion).

Veel vertaalde documentatie is nog niet voorhanden. Er zijn wel enkele projecten opgestart om de vertalingen sneller uit te breiden. Om de vertaling zoveel mogelijk te centraliseren, is er deze wikipagina: http://openstandaarden.be/wiki/pmwiki.php/Main/JabberVertalingen. Daar vind je de huidige lopende projecten. Geïnteresseerde vertalers kunnen daar een nieuwe vertaling aankondigen en op zich nemen. Indien je je geroepen voelt, twijfel niet en begin te vertalen!

Links

Als je mensen verteld over Jabber krijg je vaak de reactie: “Waarom weer een nieuw IM-netwerk? We hebben MSN toch al?”. Jabber is echter meer dan zomaar een nieuw IM-netwerk. Jabber geeft je vrijheid. Niet alleen in de keuze van welke ‘client’ je gebruikt, maar ook van de server, zodat je van geen enkel bedrijf afhankelijk bent. Via transports kan je met zowat alle andere bestaande IM-netwerken communiceren en allerlei andere diensten gebruiken, zodat het wel degelijk een meerwaarde biedt ten opzichte van de andere huidige IM-netwerken. Wat ons betreft staat Jabber een zeer rooskleurige toekomst te wachten!


Linux op een Windowspc

Dit artikel is verschenen als coverartikel in Livre n°16, september 2005.

Steeds meer mensen beginnen te beseffen dat er ook andere besturingssystemen bestaan dan Windows. Sommigen schakelen over op een Macintosh en anderen zetten een stapje verder en wagen hun in de wereld van Linux. Niet iedereen slaagt er echter in om vol te houden en ook Linux te blijven gebruiken.

In dit artikel gaan we het hebben over de migratie naar Linux. Met wat moet je rekening houden? Hoe gaat het in zijn werk? En wat daarna? Dat zijn maar enkele vragen die beantwoord zullen worden. Op het einde van het artikel zal je in staat zijn om een Linuxdistributie te installeren naast een bestaande Windowsinstallatie.

Omdat het onmogelijk is om alle denkbare Linuxdistributies te bespreken in dit artikel, heb ik ervoor gekozen om het artikel algemener te houden. Extra informatie over de distributies zelf, kan meestal opgezocht worden in de documentatie of gevraagd worden op een forum of mailinglist.

Termen

Voor we beginnen, zal ik eerst enkele veelgebruikte termen uitleggen. Zonder deze kennis van deze termen gaat het anders moeilijk worden om dit artikel te verstaan.

  • Kernel: het hart van ieder besturingssysteem. De kernel is eigenlijk het basissysteem waarrond het hele systeem werkt.
  • Unix
  • GNU: GNU is Not Unix. Een project dat gestart werd door Richard Stallman. Hij wou een besturingssysteem bouwen dat op Unix gelijkt, maar dat volledig ‘vrij’ is.
  • GNU/Linux: een combinatie van het GNU-project en de Linux-kernel. Samen vormen ze een vrij besturingssysteem.
  • Distributie: een verzameling van software die op elkaar is afgestemd rondom de Linux-kernel. Iedere distributie heeft zo zijn eigen doel (bijvoorbeeld firewall, server en rescue disk).
  • HCL: (hardware compatibility list) een lijst met hardware die werkt onder Linux.
  • Distributie (distro): een verzameling van softwarepakketten die op elkaar en op de Linux kernel afgestemd zijn. Even verderop vind je een lijst met bekende distributies.

Voor de installatie

Het gedeelte vóór de installatie is waarschijnlijk het belangrijkste gedeelte. Hier neem je immers de beslissingen die de rest van je ‘Linuxcarrière’ zullen bepalen. Als je hier een fout begaat, zoals bijvoorbeeld een te moeilijke distributie kiezen, kan de Linux-experience wel eens tegenvallen.

Het eerste wat je moet doen als je met Linux wilt starten, is een mentale knop omdraaien. Je weet niets meer. Hoeveel je ook weet van Windows, het is niet te vergelijken met wat Linux doet. Het zijn verschillende besturingssystemen met ieder zijn voor- en nadelen. Maak dus niet de fout om beide systemen met elkaar te vergelijken.

Om met Linux leren te werken heb je, zeker in het begin, zeer veel tijd en geduld nodig. Als je geen tijd hebt om van nul te beginnen met een besturingssysteem, begin dan helemaal niet. Stel het dan eventueel uit tot je er wel klaar voor bent. Als je toch begint, zal je merken dat je halverwege moet opgeven, omdat de installatie niet lukt of omdat je de configuratie niet goed krijgt. Een vakantieperiode is dus het best geschikt hiervoor.

De tweede stap die je moet nemen, is je hardware leren kennen. Niet gewoon de merknamen kunnen opnoemen, maar de volledige specificaties. En als ik zeg ‘hardware’, dan wordt daar niet enkel het moederbord en de DVD-drive mee bedoelt, maar alles wat in je pc zit: monitor, toetsenbord, muis/trackball, geluidskaart, videokaart, microfoon, moederbord, diskdrive, CD/DVD-drive, harddrive (IDE of SCSI?), etc. Verzeker je ervan dat je niets vergeet! Typ de specificaties uit, zodat je ze altijd bij de hand hebt. Surf eventueel naar de websites van fabrikanten om achter de details te komen. Controleer ook of de fabrikant eventueel zelf Linuxdrivers aanlevert (nVidia doet dit bijvoorbeeld). Tijdens de installatie en configuratie van Linux zal je deze gegevens zeker nodig hebben.

Wat ook zeer aan te raden is, is om je hardware op voorhand te controleren. Ga langs op fora en zoek of er al discussies gestart zijn over jouw types hardware. Wat ikzelf zeer handig vind, zijn de “Hardware Compatibility Lists”. In zo’n lijst vind je een overzicht van hardware, meestal vergezeld van een review. Een voorbeeld vind je op . Als je nog twijfelt over een bepaald stuk hardware, is Google je vriend. Met deze informatie weet je al welke problemen je tegen het lijf kan lopen. Een gewaarschuwd man is er twee waard!

De laatste stap voor je kan beginnen installeren, is de distributiekeuze. Deze keuze is wat de meeste mensen tegenhoudt om met Linux te starten. Er zijn immers honderden verschillende distributies waardoor de gebruiker soms wat overdonderd wordt. Toch zijn er maar enkele ‘groten’, waardoor de keuze toch al wat makkelijker wordt.

Eerst en vooral moet je het doel goed voor ogen zien om een distributie te kiezen. Wat wil je later met die pc gaan doen. Wordt het een server of een workstation. Ben je bereid veel tijd te spenderen aan de configuratie of wil je liever een distributie die bijna alles zelf regelt? Wil je met commando’s werken of verkies je een grafische configuratiemanager?

SuSE, Fedora en Mandriva (een samengaan van het vroegere Mandrake en Connectiva) zijn distributies die tools leveren waardoor je makkelijk je pc kan configureren. Gentoo, Debian en Slackware daarentegen gaan er van uit dat je de pc kan configureren vanaf de de commandolijn. Daarom zijn de eerste drie ook iets meer geschikt voor beginners. Het kan nochtans zeer leerrijk zijn om onmiddellijk met een wat moeilijkere distributie te beginnen. Zo leer je immer meer over Linux zelf, omdat je in het begin zeer veel zal moeten opzoeken. Als je echter snel aan de slag wilt, ben je best af met één van de eerste drie. Ubuntu kan je plaatsen tussen deze twee categoriën. Ubuntu is gebaseerd op Debian, maar is zo opgebouwd dat je het systeembeheer via tooltjes kan regelen. Deze distributie wint de laatste tijd zeer hard aan populariteit, mede doordat je er Debianpakketten kan op installeren (en Debian heeft een uitgebreid aanbod van zulke ‘pakketten’).

Als je de distributie gekozen hebt, kan je beginnen met de installatie.

De installatie

Omdat het onmogelijk is om alle verschillende situaties te bespreken, beperken we ons tot één distributie. We gaan van deze situatie uit:

We hebben een Intel Pentium IV met 512 MB geheugen. Op de pc staat Windows XP al geïnstalleerd. De pc heeft een harde schijf van 80 GB. We werken met een 19″ CRT beeldscherm van Philips, een standaard muis (twee knoppen en een scrollwieltje). Als toetsenbord gebruiken we een draadloos toetsenbord van Logitech. We hebben ook nog twee randapparaten: een inkjet printer van HP en een Epson scanner.

Omdat er nog andere mensen met de pc werken (en omdat we zelf nog graag eens een spelletje spelen), gaan we er een zogenaamde dual-boot installatie van maken. “Dual-boot” wilt zeggen dat je meerdere besturingssystemen naast elkaar installeert. Bij het opstarten kan je dan kiezen in welk systeem je wilt werken. Het is vooral handig als je Windows moeilijk achter je kan laten. Het is even goed mogelijk om twee verschillende Linuxdistributies naast elkaar te installeren of twee verschillende Windowsversies.

Het moeilijkste onderdeel van de installatie is de partitionering. Kort gezegd is dit de wijze waarop je je harde schijf verdeelt. Windows en Linux gebruiken immers andere bestandssystemen (respectievelijk FAT32/NTFS en ext2/ext3/ReiserFS). Je moet je harde schijf dus gaan opdelen in partities (“delen”) om de twee besturingssystemen van elkaar gescheiden te houden. Als je geluk hebt, heeft de computerboer al twee (of meer) partities aangemaakt toen hij Windows installeerde. Je kan dan gewoon de inhoud van de tweede partitie naar de eerste partitie kopiëren (of op cd’s branden) en de partitie verwijderen.

Als je wat minder geluk hebt, zal je de bestaande Windowspartitie moeten verkleinen. Let op: dit is niet zonder gevaar! Als je per ongeluk een verkeerde handeling maakt, kan je je gegevens kwijt zijn. Maak dus zeker en vast een backup! Daarna kan je met een tool aan de slag om de partitie van grootte te veranderen. Norton Partition Magic (http://www.symantec.com/partitionmagic/) is een programma dat zeer geschikt is voor deze taak. Er zijn echter ook gratis oplossing, zoals NTFSresize (enkel geschikt voor het NTFS bestandssysteem!). Hoewel het meestal niet nodig is, is het een zeer goed idee om eerst je harde schijf volledig te defragmenteren. Bij een defragmentatie worden alle bestanden in het begin van de harde schijf geplaatst. Je kan dan makkelijker schijfruimte afnemen van het einde van de harde schijf.

Hoeveel ruimte je moet vrijmaken voor Linux hangt af van de distributie die je gebruikt. Enkele gigabytes zijn meestal genoeg, maar als je wat bewegingsvrijheid wilt om programma’s te installeren, moet je daar rekening mee houden. In dit geval (een harde schijf van 80 GB) verdelen we de ruimte evenredig: 40 GB voor Windows en 40 GB voor Linux.

Op de afbeelding zie je een harde schijf die opgedeeld is in twee partities. Nummer 1 is de harde schijf als je enkel Windows geïnstalleerd hebt. Bij nummer 2 hebben we vrije ruimte gecreëerd door de Windows partitie te verkleinen. Nummer 3 illustreert hoe de harde schijf uiteindelijk verdeeld is in een partitie voor Windows en één voor Linux.

Linux- en Windowspartities

Partitioneren

Omdat partitioneren zo’n belangrijke en gevoelige operatie is, kan je best nog enkele documenten doorlezen. Aanraders zijn * Over partities en partitioneren * De Linux System Administrator’s Guide * Debian Manual (Partities aanmaken)

Het belangrijkste is dat je goed weet wat je aan het doen bent. Als je nog altijd twijfelt, vraag dan hulp van een vriend of op een forum/nieuwsgroep.

Hierna kunnen we de installatie beginnen. Zorg ervoor dat de pc afgesloten is en leg de eerste cd/dvd in de lader. Zet de pc aan. De installatie start nu automatisch. Als de installatie niet automatisch start, controleer dat de instellingen van je BIOS eens. Het BIOS (wat staat voor Basic Input/Output System) zorgt voor de communicatie tussen de hardware en het besturingssysteem. Je geraakt in je BIOS door tijdens het opstarten (de eerste paar seconden) een toets ingedrukt te houden. Soms is dit de Delete toets, soms is het een combinatie van toetsen. Controleer de handleiding van je moederbord om dit te weten te komen. Eénmaal in het BIOS, kan je ervoor zorgen dat er eerst van je cd/dvd-drive geboot wordt en daarna pas van je harde schijf.

Een Linuxinstallatie bestaat grofweg uit 5 delen: - introductie en basisinstellingen (land, taal, toetsenbord) - partities aanduiden en aanmaken - software selecteren (je hoeft immers niet alles te installeren) - de installatie zelf (hier hoef je niets te doen) - configuratie van het systeem

De introductie en de basisinstellingen wijzen eigenlijk zichzelf uit. Selecteer je tijdzone, je taal, je toetsenbord (Azerty, Qwerty), etc. Deze vragen zijn meestal rechtdoorzee en hier hoef je niet veel tijd aan te spenderen.

Het tweede deel is vrij belangrijk. Hier moet je zeer goed opletten dat je niets verkeerd doet. Daarnet hebben we vrije ruimte gecreëerd. In die ruimte gaan we nu Linux installeren. Linux zal zelf enkele voorstellen geven in de aard van: “De harde schijf formatteren en Linux installeren”, “De vrije ruimte gebruiken om Linux te installeren”, enzovoort. Natuurlijk gebruiken wij nu de vrije ruimte om de gekozen distributie te installeren. Die ruimte wordt dan geformatteerd met het bestandssysteem naar keuze (ext3 of ReiserFS zijn meestal een goede keuze). Toch zal je nog moeten partitioneren. Om het Linux makkelijk te maken, wordt er swapruimte toegevoegd. Dit is eigenlijk een uitbreiding op het geheugen. Als het geheugen vol raakt, wordt de swapruimte gebruikt. Vroeger was de regel dat je 2x de grootte van je RAM-geheugen moest nemen. Als je 1 GB geheugen hebt, is dat wat overdreven natuurlijk. Zorg er alleszins voor dat je in totaal (RAM + swap) minstens 512 MB hebt (1 GB is natuurlijk beter). De ruimte die je gebruikt voor swap, zal je voor niets anders kunnen gebruiken. Houdt daar dus rekening mee!

Mountpoints

Mountpoints zijn een zeer handig iets onder Linux. Concreet komt het er op neer dat je alle opslagmedia aan een grote bestandsboom kan hangen. Je kan die media dan benaderen net alsof het een harde schijf of iets dergelijks is. Diskettestations, cd-/dvd’s, zipdrives etc moeten “gemount” worden en komen dan terecht in de /mnt/ map. Je kan al je mountpoints vinden in het /etc/fstab bestand.

Wat is er nu zo handig aan, zal je je misschien afvragen. Wel, je kan ervoor zorgen dat je Windows-partitie automatisch gemount wordt onder Linux. Op die manier kan je alle bestanden op je Windows-partitie lezen/schrijven.

Je kan de vrije ruimte die je voor Linux gereserveerd hebt, ook in meerdere delen opdelen. Je zal sowieso een speciale swap-partitie nodig hebben. Sommige gebruikers verkiezen ook om hun /home directory (met al de instellingen en documenten van de gebruikers) op een aparte partitie onder te brengen. Je moet dit dan aangeven bij de installatie. De partities worden dan automatisch gecreëerd en de mountpoints worden aangemaakt.

Na het partitioneren krijg je meestal de vraag waarvoor het systeem dient: server, workstation, etc. Denk goed na waarvoor je het systeem gaat gebruiken. Als je hier server kiest, terwijl je eigenlijk geen server nodig hebt, zal je een hoop overbodige pakketten mee-installeren. Voor de meesten is “workstation” een goede keuze. Er worden dan tekstverwerkers en woordenboeken meegeïnstalleerd. Eigenlijk alles wat je nodig hebt om dagelijks op die pc te werken.

Sommige distributies geven ook nog de mogelijkheid om zelf de softwarepakketten te selecteren bij het installeren. Afhankelijk van de distributie kan dit vrij veel tijd in beslag nemen. Je kan dan eigenlijk beter één van de voorkeuzes (bv. workstation) kiezen en achteraf de pakketten bij-installeren. Dit voorkomt dat je tijdens de installatie al te veel (of nog erger: te weinig) pakketten gaat installeren.

Na de selectie van het soort systeem (en eventueel de pakketten) gaat de installatie echt van start. De pakketten worden geïnstalleerd. Afhankelijk van de distributie kan dit wel even duren. Uit ervaring weet ik dat je minstens op een half uur moet rekenen. Het spreekt voor zich dat dit grotendeels afhangt van het aantal pakketten dat je geselecteerd hebt voor de installatie. Dit is het geschikte moment om een tas koffie of thee te gaan drinken. Als je een dvd gebruikt, kan je rustig vertrekken. De computer zal reeks mooi afwerken. Als je nog cd’tjes gebruikt, ga dan regelmatig eens kijken of er een nieuwe cd nodig is.

Als je tas koffie/thee leeg is, kan je verdergaan met het volgende item: de bootloader. Een “bootloader” is een klein programmaatje dat zich in de eerste sector van je harde schijf nestelt. Die plaats is ook wel bekend als het Master Boot Record (MBR). Een bootloader zorgt ervoor dat je tijdens het opstarten kan kiezen welk systeem je opstart. Je Linuxdistributie zal nu zelf voorstellen om ofwel een diskette te gebruiken (dan wordt er niets weggeschreven in het MBR) ofwel een bootloader in het MBR te schrijven. De bootloader is een goede optie, zeker als je van plan bent om frequent in Linux te booten (waarom installeer je het anders? ;-).

De GRUB bootloader

De twee bekendste bootloaders zijn LILO en GRUB. Tegenwoordig wordt er bijna altijd GRUB gebruikt, omdat dit programma volledig grafisch werkt. LILO werkt nog in tekstmode en hoewel dit ook handig is, oogt het niet zo elegant. Het installatieprogramma weet zelf dat er op het eerste deel van je harde schijf Windows staat en op het tweede deel Linux. De installatie van GRUB (of LILO) zal dus volledig automatisch gebeuren. Mocht dat toch niet het geval zijn (afhankelijk van je distributie), consulteer dan de fora en (online) handleidingen van je Linux-distributie. Maak zeker ook een “rescue disk” aan als dit gevraagd wordt. Mocht er iets mis gaan bij de installatie van de bootloader, dan kan het systeem toch nog opgestart worden. Meestal heb je zo’n rescue disk niet nodig, maar het is altijd handig als je er ééntje bij de hand hebt. In deze fase van de installatie wordt ook gevraagd om een “rootwachtwoord” op te geven. Dit is het wachtwoord van de beheerder. Zorg ervoor dat je het wachtwoord niet vergeet!

Na de installatie van LILO of GRUB zal de pc herstart worden. Zorg ervoor dat de cd/dvd uit de cd-lade is. Je wilt immers dezelfde installatie geen tweede keer moeten uitvoeren. Als de pc opnieuw opstart, zal het scherm van de bootloader gepresenteerd worden. Je zal er twee opties zien (in het geval dat je enkel Windows en Linux naast elkaar gebruikt). Selecteer nu de Linux-optie.

Kijk goed of je geen foutmeldingen voorbij ziet schuiven op het scherm. Als het te snel gaat, druk dan even op de scroll lock-toets, de tekst stopt dan met scrollen. Je kan al die tekst trouwens achteraf nog doorlezen in de logs. Als alles goed gaat, kom je direct in de grafische omgeving terecht. Dit is per distributie anders en sommige distributies zorgen ervoor dat je bij het opstarten op de commandolijn terechtkomt. Achteraf kan je dan pas instelling om standaard in het grafisch systeem te booten.

Na de installatie

Als je een beetje een recente distributie hebt (zoals Fedora, SuSE of Ubuntu) boot je dus automatisch grafisch. Je krijgt eerst een login venster te zien. Als je geen gebruikers hebt aangemaakt tijdens de installatie, geef je hier als login “root” en als wachtwoord het wachtwoord wat je tijdens de installatie gekozen hebt. Het eerste werk dat je moet doen is gebruikers aanmaken. Zorg ervoor dat je nooit als root hoeft in te loggen. De “root” is immers de hoofdgebruiker en heeft alle rechten om bestanden weg te gooien. Verwacht in Linux ook geen bevestiging als je iets wilt verwijderen. Sommige desktop environments (zoals Gnome en KDE) hebben wel een soort prullenmand, maar die functie is meestal beperkt.

De interface zal je waarschijnlijk wel vrij bekend voorkomen. Meestal is er een balk onderaan of bovenaan met enkele knoppen. De meest linkse knop is meestal het menu. Zoek het controlepaneel van je distributie op en voeg gebruikers toe. Begin alvast met jezelf. Zorg ervoor dat het wachtwoord van de hoofdgebruiker (root) niet hetzelfde is als dat van een gewone gebruiker! Log na de aanmaak van een gebruiker uit en terug in als gewone gebruiker.

Nu kun je het ganse systeem verkennen. Voor alle systeemfuncties en potentieel “gevaarlijke” items zal het rootwachtwoord gevraagd worden. Probeer alles gerust uit. Als je nog nooit met iets anders dan Linux gewerkt hebt, zal het in het begin wat wennen zijn. Verwacht zeker niet dat je in één week alles onder de knie zal hebben!

Tijdens je verkenningstoch kan je ook eens een kijkje nemen in de terminal. Zoek naar een programma met ‘term’ in de naam. Er zijn verschillende soorten van deze terminals, maar ze doen eigenlijk allemaal hetzelfde. Als je zo’n terminal (bijvoorbeeld xterm) start, dan krijg je een soort van commandolijn te zien. Als je ooit met DOS gewerkt hebt, zal je dit zeker herkennen. Enkele commando’s zijn zelfs hetzelfde. Typ nu “ls” en druk enter. Je krijgt te zien welke bestanden in de huidige directory staan. Door op internet te zoeken naar “linux commando” of “bash commando” kan je lijsten vinden met commando’s.

Als je een uurtje het systeem verkend hebt, wordt het terug tijd voor het wat serieuzere werk: updates. Iedere zichzelf respecterende distributie brengt regelmatig updates uit. De meeste van deze updates voegen enkele mogelijkheden toe aan programma’s, maar soms gaat het om veiligheidsupdates. En het zijn net die updates die zo belangrijk zijn voor je distributie. Omdat het update/upgrade-systeem per distributie verschilt, kan je dit het best opzoeken in de documentatie van je distributie. Zelfs als je de nieuwste versie van het internet geplukt hebt, kan je best toch eens een update uitvoeren.

Eénmaal dat gedaan is, ben je klaar om de wondere wereld van Linux te ontdekken!

Hulp zoeken

Zoals al enkele keren gezegd is: verwacht zeker niet dat je alles binnen de week onder de knie zult krijgen. Integendeel zelfs, het zal een hele tijd duren eer je alles zal kunnen wat je wilt. Er zijn Linuxgebruikers die al meer dan 10 jaar Linux gebruiken en die nog van zichzelf vinden dat ze beginner zijn. Dat is nu ook net het leuke aan Linux. Je kan blijven ontdekken en uitproberen.

Wat je de eerste weken zeker veel zal moeten doen, is lezen. Documentatie, FAQ’s, HOWTO’s, fora, wiki’s, nieuwsgroepen, irc, etc. Hoe meer je leest, hoe sneller je bijleert. Onderaan dit artikel vind je alvast een lijst met enkele van de belangrijkste bronnen waar je terecht kan met al je vragen.

Nog even enkele tips voor fora en nieuwsgroepen: * De meeste fora hebben een uitgebreide zoekfunctie. Gebruik deze eerst voor je een vraag stelt. * Lees de ‘sticky’ posts op fora. Dit zijn de posts bovenaan ieder subforum. Ze bevatten veelal een lijst met veelgestelde vragen. * De meeste nieuwsgroepen hebben een FAQ. Zoek deze eerst even op voordat je iets vraagt. * Vraag nooit “Wat is de beste distributie?”, want dat is een straatje zonder einde. Als je toch twijfelt, vertel dan waarvoor je Linux wilt gaan gebruiken en stel zelf enkele distributies voor waar je tussen twijfelt. * Als jouw probleem er niet in voorkomt, start dan een nieuwe post. Vermeld zeker: 1) je distributie (naam, versie, eventueel zelfs de kernelversie), 2) je hardware (enkel de relevante hardware natuurlijk), 3) wat er wel goed werkt (dan kunnen sommige oplossingen al uitgesloten worden).

Op die manier zal je op vrijwel alle fora en nieuwgroepen een snel antwoord krijgen. Zeker het laatste punt is belangrijk, anders krijg je in het volgende antwoord die vragen wel.

Als je persoonlijk contact op prijs stelt, dan kan je ook hulp zoeken in een LUG. LUG staat voor Linux User Group. Dit is een groep van mensen die om de zoveel tijd samen komen om te spreken over Linux of andere open source onderwerpen. Je kan er terecht met al je vragen over Linux. Als je een laptop hebt, kan je die direct meenemen om ter plaatse het probleem te laten bestuderen. Ook als je geen Linux gebruikt, maar nog vragen hebt, kan je er terecht. De mensen daar zullen je maar al te graag laten zien wat je met Linux kan doen. Ook als je twijfelt over hoe je Linux moet installeren, kan je er terecht. Neem je laptopje en de installatie-cd’tjes mee en je krijgt onmiddellijk hulp.

In zowel België als Nederland zijn er verschillende LUG’s. Er is er dus zeker wel ééntje in je buurt waar je terecht kan met al je vragen. Je vindt een uitgebreide lijst van zulke LUG’s in Nederland en Vlaanderen op http://nl.linux.org/community/lug.php en op http://belgian-lugs.be/ .

Om te concluderen zet ik alle stappen nog even op een rijtje:

  • Voor de installatie
    • Mentale knop omdraaien en tijd vrijmaken
    • Ken je hardware
    • Kies een distributie
    • Ruimte vrijmaken
  • De installatie zelf
    • Introductie en basisinstellingen doorlopen
    • Partities aanmaken en verdelen
    • Softwarepakketten selecteren
    • Installatie zelf (koffiepauze!)
    • Configuratie van het systeem
  • Na de installatie
    • Gebruikers aanmaken
    • Systeem verkennen
    • Updates installeren

Je kan enkel zien wat Linux is door het te gebruiken. Hopelijk is dit artikel een aanzet om toch eens de overgang naar Linux te maken. Een dual-boot is een interessante oplossing voor mensen die niet zonder Windows kunnen leven. Zo leer je zonder schrik kennis maken met een ander besturingssysteem. “In a world without fences, who needs gates?”

Bekende distributies

Links


The tv is back!

De hemel zij geprezen! De tv is terug. :-)

Wat was er aan? Transistor kapot. De kosten bleven eigenlijk nog vrij beperkt vond ik (70 EUR). Een nieuwe tv zou er een veelvoud van gekost hebben. De oorzaak: standby…

Blijkbaar is het zeer ongezond om een tv in standby te zetten. De “elektrieker” zei dat hij regelmatig tv’s binnenkreeg waar er iets doorgebrand was doordat de tv een tijd in standby gestaan heeft. Zeker ‘s nachts is het af te raden om een tv op standby te laten staan. Een brand is gauw gestart op die manier.

Al bij al is het dus nog vrij goed afgelopen. Gelukkig maar, want vanavond is het weer CSI. ;-)


Tv kapot

Daarnet begon de tv ineens raar te doen en gaf hij een scherpe knal. Ik vrees er een beetje voor dat hij naar de knoppen is. Het is zeker geen oude tv. Het is een breedbeeld van 4 jaar oud. Nog bijna nieuw dus. Het is wel de enige tv in huis en er wordt vrij veel gebruikt. Misschien heeft dat iets te maken met het vroegtijdige heengaan…

Als hij echt kapot zou blijken te zijn, dan zal er de volgende maanden geen tv meer in huis komen. Het voordeel is dat ik m’n tijd dan wat anders kan besteden. Maar toch … ik zal ‘m missen … .


cv

Het is altijd handig om een cv op je website te plaatsen. Je weet immers nooit of er een geïnteresseerde Human Resources-manager meeleest.

Curriculum vitae

Mijn cv is momenteel beschikbaar in het Nederlands en Engels:

Contact- en referentiegegevens zijn weggelaten zodat ze niet misbruikt kunnen worden voor spam of andere reclamedoeleinden. De volledige (uitgebreide) cv’s zijn verkrijgbaar in het Nederlands, Frans, Engels en Duits. Deze kunnen echter enkel op aanvraag verkregen worden. Mijn mailadres kan op de contactpagina gevonden worden. Vermeld er dan alstublieft wel bij welke taal (of talen) u graag zou ontvangen. Aarzel zeker niet om contact met me op te nemen!


Terug

Ik ben terug van mijn vakantie. Het vakantieoord: het midden van Duitsland. Meerbepaald het Harz-gebergte. Binnenkort verneem je hier meer over.

Ondertussen kan ik mails inhalen (244 in totaal), nieuwsgroepen bijlezen (ontelbaar veel nieuwe posts) en fora doornemen (te veel om op te noemen). Ik ga dus nog wel even werk hebben vrees ik…


Geslaagd!

Na 3 jaar hogeschool ben ik er van af. Vandaag ben ik mijn diploma in ontvangst mogen gaan nemen. Geslaagd met onderscheiding. :-)

Nu ga ik eerst een vakantie nemen van twee maanden (‘t is de laatste, dus dan profiteer ik daar ook maar van), dan ga ik vakantiewerk doen en daarna zien we wel.


Stage afgelopen

Gisteren heb ik afscheid genomen van de mensen op mijn stageplaats. Het was een zeer fijne periode en ik heb er echt veel bijgeleerd. Ook de collega’s vielen zeer goed mee, er is een heel open sfeer.

Misschien zie ik ze wel terug over enkele maanden. Let’s hope… :-)


PopQuiz

Sinds enige tijd wordt er op Mjuzik.nl een maandelijkse PopQuiz georganiseerd. Met die quiz kan je je muziekkennis eens testen. Opzoeken mag natuurlijk (en geloof me, het zal ook nodig zijn ;-) ). Laat eens zien hoeveel jij weet over muziek!


MSN’ers zijn rare mensen

Sommige MSN’ers zijn toch rare mensen. Enige dagen terug daagde er een nieuwe persoon op in m’n roster (= contactenlijst in Jabber). Uit het adres kon ik de naam wel afleiden, maar ze kwam me niet bekend voor. Misschien een gat in m’n geheugen na een avond uit, maar zoiets vergeet je meestal toch niet.

Vandaag sprak die persoon mij aan. Het was lang geleden dat ik nog zo’n belachelijk gesprek gehad heb. Om de belachelijk aan te tonen, post ik hier het volledige gesprek. De naam van de persoon is wel veranderd. Ik zou niet graag hebben dat ze immers gespamd wordt…

Irene: hoi
Ben: hey
Irene: ben jij dave
Irene: ?????????????/////
Ben: nee, ik ben Dave niet…
Ben: wie ben jij eigenlijk?
Irene: ben jij dave of glen
Ben: geen van beide
Ben: en nu weet ik nog niet wie jij bent…
Irene: zeg dan
Ben: wat moet ik dan zeggen?
Irene: OF JE Dave of GLEN BENT!!!1
Ben: ik heet niet Dave en ook niet Glen. En dat heb ik al gezegd denk ik.
Ben: en nu weet ik nog altijd niet WIE JIJ BENT!
Irene: ik ben irene staat in mijn msn naam
Ben: ja, en mijn naam staat toch ook in m’n MSN-naam… (hoewel ik al lang geen MSN meer gebruik)
Ben: hoe kom je trouwens aan m’n Hotmailadres?
Irene: van mijn broertje die heeft dave
Ben: tja … maar ik ben Dave dus niet. En ik denk ook niet dat ik je broertje ken.
Ben: Hoe noemt hij?
Irene: hoe bedoelt u
Irene: joris
Irene: heet mijn broertje
Ben: Die ken ik niet (denk ik toch)…
Irene: joris f r i t s m a
Ben: ja, dat weet ik. En 1 + 1 = 2
Ben: Klinkt trouwens Hollands
Ben: de achternaam
Irene: o
Irene: wat is glen zijnmsn naam
Ben: ik ken Glen niet. En ik ken geen Dave. En ik ken je broer niet. En ik vraag me nog altijd af waarom ik tegen je zit te chatten…
Irene: wie ben jij dan
Ben: niet Glen, niet Dave en niet je broertje. Zoveel volk schiet er dan toch niet over?
Irene: nou doe is normaal
Irene: hoe oud ben jij
Ben: 21
Ben: jij?
Irene: 11 maar ik ga
Ben: ja, dat dacht ik al…
Irene: hoezo…….

En toen ben ik maar gestopt, het werd me wat te zielig…

Dan ben ik wel blij dat de drempel naar Jabber nog vrij hoog is. Stel je voor dat er constant zo’n gesprekken zouden gevoerd worden over het Jabbernetwerk… :-?


Stage

Net een dag na m’n verjaardag begint mijn stage. Wat een timing…

Ik zal het de volgende maanden zeker en vast wat drukker hebben. De werkuren zijn, voor een student, bijna onmenselijk: van 8 uur tot 17 uur. Dat is dus 9 uur per dag, met een uurtje pauze. Het is van het middelbaar geleden dat ik nog zoveel gewerkt zal hebben. ;-)

Ik heb echter wel een leuk stagebedrijf, dus ik verheug me er wel op.

Edit
Dag één is net om. De stage valt tot nu toe zeer goed mee. Een behulpzame stagebegeleider en een leuke sfeer. Ik ben wel moe (voor iemand die niets gewoon is, is acht uur werken zeer lang ;-) ). Hopelijk gaat het morgen even goed.


Weer een jaartje ouder

Nog maar eens een jaartje erbij vandaag. En ‘t is blackjack dit jaar! Amaai, ik word oud… :-)


« Ouder | Nieuwer »