Branders.name

Laptoptas: Booq Vyper besteld!

Vorige week maandag heb ik een nieuwe laptop besteld: de Macbook Pro (15″). Bij zo’n mooie laptop hoort natuurlijk een laptoptas die voldoende stevig is en waarmee je toch ook nog buiten kan komen. De meeste laptoptassen zijn immers oerlelijk en dat kan niet de bedoeling zijn als je met een Apple laptop rondhost.

Eerst dacht ik aan een simpele sleeve, maar hier kwam ik snel op terug, want een sleeve zou niet volstaan om al mijn accessoires in te proppen. Het zou dus een volwaardige laptoptas moeten zijn, ééntje waar de laptop als gegoten inzit en waar er nog plaats genoeg over is voor allerhande prullaria die ik meeneem om de dag door te komen.

Na een zoektocht tussen reviews van laptoptassen viel het me op dat veel personen zeer tevreden waren van de tassen van Booq. Booq maakt professioneel afgewerkte laptoptassen tegen een betrekkelijk lage prijs (hoewel 175 EUR is nu ook niet zo laag). Bij hen vond ik de Booq Vyper exo M. Speciaal gemaakt voor de Macbook Pro 15″. De binnenkant, waar je de laptop plaatst, is gemaakt van foam en er is voor gezorgd dat er nergens haken of ogen aanzitten die de MBP kunnen beschadigen.

Booq Vyper Exo M - gesloten

Wat voor mij belangrijk was: deze laptoptas gaat volledig open. Momenteel heb ik een tas die enkel bovenaan opengaat. Het is niet echt makkelijk om daar documenten netjes in te steken. Meestal wordt het ‘proppen’. Deze Booq-bag gaat volledig open, waardoor je de laptop en de accessoires makkelijk kan instoppen. Ook kan je hiermee dus snel even vanuit de laptoptas werken, als je onderweg bent en je moet even iets opzoeken. Gewoon opendoen, laptop laten liggen en werken.

Booq Vyper exo M - open
Terralinq is een feature die je erbij krijgt. Terralinq is een unieke code die aan je tas gelinkt wordt. Als je deze dan kwijtraakt en hij wordt teruggevonden, kan die persoon je contacteren via deze code. Veel hangt natuurlijk af van de goodwill van de persoon die je tas vindt. Hoewel laptops tegenwoordig goedkoper worden en je ze bijna overal ziet, denk ik toch dat de kans klein is dat je, als je de tas mét laptop kwijtraakt, je deze nog terug zal zien.

Als ik de Vyper ontvangen hebt, volgt er een uitgebreidere review.

Wat gebruik jij: een sleeve of een tas? Of misschien wel allebei?


Adsense: brengt het echt iets op?

Van sommige mensen heb ik al gehoord dat ze de hosting van hun bedrijf terugbetaald krijgen via de advertenties die ze plaatsen. Problogger Darren Rowse verdient 35% van zijn maandelijks inkomen via advertenties. Joell Comm verdient $15000 … per maand! Daar kan je al iets moois van gaan kopen.

Ik wou wel eens zien of er waarheid zat achter deze verhalen. Want, geeft toe, het lijkt raar. Je krijgt gewoon geld door enkele advertenties op je website te plaatsen. Te mooi om waar te zijn?

Dus heb ik het zelfs ook maar eens geprobeerd. Ik heb een account aangemaakt bij Adsense en een advertentieblok ingepast in de artikelweergave van dit weblog (niet op de frontpage, ik word ook niet graag begroet door reclame ondertussen gelezen dat ads op de frontpage misschien meer opbrengen…). Het verbaasde me dat je zelf de kleuren van de advertentie kon kiezen. Dat je de grootte kan kiezen, ligt nogal voor de hand, maar het is ook mooi dat je de kleuren kan laten ‘matchen’ met je weblog.

Google Adsense
Ik moet eerlijk zeggen dat ik nogal schrok daarnet. Na terug te komen van de fitness kijk ik even en … ik heb al $0,78 verdient. Dat is toch al een halve euro. Niet veel, maar misschien, zoals Joell zegt, is het wel een begin van $15000. :-)

Gebruiken jullie ook advertenties?
Wat brengt dit zo ongeveer maandelijks op op jouw blog?

Update: ik zag net een link “Vrouwen versieren” tussen de ads. Adsense staat blijkbaar al goed afgestemd… ;-)


Pownce invites te geef

Van Nicodemus heb ik een Pownce-invitatie gekregen, zodat ik het ook eens kan uitproberen. Zoals het hoort, zal ik mijn invites ook weggeven aan mensen die geïnteresseerd zijn om het uit te proberen.

Mocht je ‘t gemist hebben: Pownce is Twitter, maar dan uitgebreider (je kan ook bestanden delen bijvoorbeeld).

Wat moet je doen?
Plaats gewoon een reactie en zorg ervoor dat je e-mailadres duidelijk is, dan stuur ik je een uitnodiging.


Belgacom verhoogt limieten

Ik merk net dat ISP-meter aangeeft dat ik op 75% zit van mijn downloadlimiet bij Belgacom. Daarnaast geeft hij aan dat ik aan 9336 MB zit… Normaalgezien moet hij dan op 98% of zo staan. Mijn broer had het ook al gezien: blijkbaar heeft Belgacom de downloadlimiet hoger gelegd.

Van op hun website:

Respectievelijk 16 en 20% meer volume voor ADSL Go en VDSL Boost-klanten vanaf 1 juni.

Concreet betekent dit dat ik ongeveer 12,2 GB heb in plaats van 10. Ineens. Zomaar.

Mooi. :-)


Lezersvraag: wie gebruikt er LinkedIn?

Ik ben sinds enkele maanden ook op LinkedIn te vinden. Het valt me echter op dat LinkedIn vooral succes heeft in de VS. Hier in België draait het nog op een laag pitje. Er zijn wel al veel mensen die er gebruik van maken, maar het aantal valt me een beetje tegen. Ik heb LinkedIn mijn adresboek laten doorzoeken (dat is: van mijn werk + privé). Ongeveer 5% maakt gebruik van LinkedIn. En van die 5% zijn 3% Amerikanen of Aziaten die ik ooit eens gemaild heb (of zij mij) en die zo in m’n adresboek terechtgekomen zijn.

Vandaar dus mijn vraag: Gebruik jij LinkedIn? En waarvoor gebruik je het dan? Om zichtbaar te zijn? Om een nieuwe job te vinden? Of om gewoon je netwerken te onderhouden?


Overgroot deel Firefox-gebruikers veilig

Volgens een studie van Secunia horen Firefox-gebruikers bij de gebruikers die, wat betreft veiligheidsupdates het meest up-to-date zijn.

Volgens Ars Technica:

Firefox is the most likely to be kept up to date in terms of security patches. In a comparison of web browsers, only 5.19 percent of users of Firefox 2 were not fully patched, compared with 9.61 percent and 5.4 percent for Internet Explorer 6 and 7 and a surprising 11.96 percent of Opera 9 users.

Internet Explorer hoort bij de minst geüpdate browsers. Hier heb ik zelf ook wel de uitleg voor. Internet Explorer wordt steeds samen met het ganse operation system geüpdate. Het enige probleem is dat Windows Update nogal intrusive is. Windows-gebruikers weten het wel: ineens krijg je melding dat je je pc moet herstarten, je kiest om dit later te doen en 20 minuten later krijg je dezelfde vraag.

Veel mensen schakelen hiervoor Windows Update uit. Ik heb het eergisteren zelf nog gedaan bij één van mijn collega’s. De dag ervoor was hij een presentatie aan het geven toen de pc ‘ineens’ herstart moest worden. Geen enkele Windows-gebruiker lijkt dit gedrag van Windows Update te appreciëren. En ‘t is niet dat Windows nooit zal herstart moeten worden… ;-)


Del.icio.us : ,


Zoundry, desktop blogging

Ik ben op zoek naar een tooltje voor “desktop blogging”. De laatste tijd kan ik me er namelijk steeds minder toe brengen om nog een post te plaatsen op dit blog. De admin-interface van WordPress is niet echt über-lelijk, maar het zou toch wel wat sneller mogen gaan allemaal.

Vandaar dat ik enkele programma’s uitgeprobeerd heb. Diegenen die mijn aandacht trokken (in reviews) waren:

Van die laatste heb ik verschillende goede reviews gelezen. Dus ik probeer het even uit. Deze blogpost is er bijvoorbeeld in getypt. Totnogtoe bevalt het wel. Het is niet zo “af” als Ecto, maar het volstaat zeker. Een voordeel is dat het nog betrekkelijk snel opstart, wat bij Qumana zeker niet het geval is. Java-dingen starten nu éénmaal niet snel op deze pc.

zlogo-beta.png

Dingen die nog beter kunnen in Zoundry:

  • Inladen oudere posts: het is altijd makkelijk om een off-line referentie te hebben;
  • Auto-save: voor als de pc vastloopt, net als je aan je 2000e woord zit;
  • Mooiere icoontjes: de toolbar ziet er wat versleten uit.

Wat wel OK is:

  • Het is gratis (dat telt voor 2);
  • Consistente XHTML (op de achtergrond natuurlijk, maar het is er wel);
  • Spellingscorrector: but woh needs it?
  • Automatisch uploaden van afbeeldingen: dit kan via FTP of via je blog zelf.

Al bij al niet slecht dus. Eens zien of een desktop blogging programma de drempel tot posten verlaagt…

Del.icio.us : , , , ,


Crash

Gisterenmorgen was het zover. De harde schijf volledig kaputski. Debian gaf aan dat m’n harde schijf “out of sync” was en dat block(0,0) niet meer gelezen kon worden. Opstarten was er dus al niet meer bij. Met behulp van het nodige geknoei kon ik gisteren alsnog een netinstall van Debian doen (volledige cd’s download ik niet meer).

Tijdens de versie installatie overschreef ik wel enkel de root- en boot-partitie. Al de rest (mijn home-directories) had ik nog graag even bijgehouden. Gelukkig ging dat perfect. Totdat ik dan ook echt probeerde bestanden te kopiëren. Overal vraagtekens in plaats van bestandsnamen. Ik zag het al komen. De partitietabel ook naar de haaien… Dan breekt het zweet u wel uit. Backups heb ik wel, maar een backup is eigenlijk altijd verouderd. Die van mij was van … nu ja … november 2006. :-s

Na een handmatige diskcontrole (e2fsck) van /home waren zeer veel van de verloren directories en bestand hersteld in lost+found. Bestandsnamen heb je dan wel niet meer, enkel de inodenummers. Daar ben ik gisteren een uur van mijn leven aan verloren: alle directories naar m’n back-upschijf kopiëren en hernoemen.

99% van al m’n belangrijke bestanden zijn hersteld. Enkel de config-bestanden uit /etc ben ik kwijt, maar dat is geen ramp. Alle documenten uit m’n home-map heb ik tenminste (oef).

Gezien ik van plan was om toch niet al te lang meer op die pc te werken (als Apple Leopard uitbrengt, koop ik me een Macbookje), wil ik er ook niet te veel tijd meer insteken. Ik vertrouw de harde schijf trouwens toch niet meer. Stel je voor dat ik er nog eens iets op opsla en dat ik het kwijtben. Een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen. ;-)

Momenteel is m’n broer er Windows XP op aan het installeren om te controleren of dat blijft draaien. Als het blijft draaien, prachtig. Indien niet, geen pijlen verschoten…

Het enige probleem is dat Leopard zeker nog zal uitblijven tot juni 2007 (meer dan 4 maanden). Zo lang moet ik het dus nog uithouden met een brak pc’ke. Ach ja, er zijn erger dingen. Ik ben al blij dat ik al m’n bestanden nog heb. :-)


Met vriendelijke groeten

Ik sluit mails meestal af met “Met vriendelijke groeten” en volgens Onze Taal is dat ook een goede standaardafsluiting. Het enige spijtige er aan is, is dat het zo afgezaagd is! Iedereen gebruikt dat ondertussen in de één of andere vorm: vriendelijke groet, mvg,… .

In het Engels hetzelfde probleem. Je hebt “Kind regards”, “Best regards” en “Regards” en dan heb je het zowat gehad. OK, je hebt er iets meer “Yours truly“, “Yours faithfully” en diens meer, maar wie sluit zo een mailtje af naar collega’s of vrienden?

Vorig jaar las ik ergens dat bij onze Noorderburen “houdoe” in trek is, maar geen enkele Vlaming zal doorhebben wat het juist wilt zeggen.

Ik ben dus op zoek naar leuke mailafsluiters die opvallen en bruikbaar zijn in een zakelijke omgeving. Hoe sluit jij je mails af?

E-mail humor


OpenDNS

De DNS-servers van Skynet zijn niet altijd even goed. Soms blijven doen ze er 5 minuten over om een domeinnaam te ‘resolven’ (tja, daar bestaat geen goed Nederlands woord voor). Onlangs kwam ik er achter dat er zoiets bestaat als OpenDNS. Een gratis DNS-service met een zeer grote capaciteit + enkele extraatjes.

OpenDNS

OpenDNS stel je gewoon in op je pc (of op je router) als een DNS-server. Meer is het niet. Het verschil merk je vooral tijdens je surfsessies. Mij viel op dat vooral websites uit de VS sneller laden. Dat is een plus, want ook bijvoorbeeld Google Reader wordt er iets sneller door. Ze hebben ook een DNS-server in London, maar op Belgische websites merk ik niet echt een tijdswinst.

Verwacht er trouwens ook niet van dat je ineens supersnel gaat kunnen surfen. Het enige dat OpenDNS doet is voor de domeinnaam zorgen. Maar hoe sneller je de domeinnaam hebt, hoe sneller de website weergegeven kan worden natuurlijk.

Extra diensten zijn:


  • Blokkeren van phishing websites
  • Verbeteren van verkeerd gespelde adressen

Verwacht echter bij de laatste ook geen wonderen, maar als je Google met 1 ‘o’ of met 3 ‘o’s typt, dan verbetert hij dit, wat toch weer wat tijd uitspaart ook.

Een mooie (en nuttige) dienst dus, die daarenboven nog eens gratis is ook. Probeer het eens uit. Het duurt maar 2 minuten om alles in te stellen.


Keyloggers de mist doen ingaan

Eigenlijk ben je nooit zeker dat je wachtwoorden niet gelezen zullen worden. De bibliotheek is een uitgelezen plaats om wachtwoorden te gaan stelen. Moeilijk is het zelfs niet. Je telt wat dollars neer voor een keylogger en hangt deze tussen het toetsenbord en de pc. Die vangt dan alle toetsaanslagen op (het bestaat ook als software).

Keylogger

Als je dus ergens een wachtwoord intypt, dan kan dit vrij snel gevonden. En net vóór je wachtwoord staat dan de URL waar je naartoe gesurfd was. Zo is het wel héél makkelijk om aan iemands privé-gegevens te komen.

Maar niets is onfeilbaar natuurlijk. Ook keyloggers niet. Als je je een beetje bewust bent van hun werking, kan je ze betrekkelijk makkelijk omzeilen.

De truuk: geef je wachtwoord niet in één keer in, maar zorg ervoor dat er willekeurige karakters tussen verzeild geraken. Hiervoor zijn meerdere manieren.

  • Begin met één veld in te vullen (bijvoorbeeld je naam). Typ enkel de eerst twee letters. Typ nu de eerste letters van je wachtwoord. Vul dan het e-mailveld gedeeltelijk in. Ga verder met het paswoord. Dan je terug je naam, …
  • Je kan het ook nog meer randomizen. Doe zoals hierboven, maar typ er willekeurige tekens tussen (dus niet je naam of je e-mailadres). Gebruik hiervoor bijvoorbeeld het naamveld, waar je af en toe enkele karakters intypt (gewoon eens op de toetsen slagen is voldoende).

In beide gevallen zal een wachtwoord als “hax0r” verandert worden in iets als “hena52xadxq2o4adrwd”. Haal daar het origineel maar eens uit! ;-)

Je hoeft natuurlijk niet paranoia te worden en dit op elke pc toe te passen. Iets gewoons als je mail lezen zou zo heel wat tijd in beslag nemen. Het is echter wel een goede voorzorg om te voorkomen dat een onbekekende met je gegevens gaat lopen van zodra je uit het internetcafé, de bibliotheek, … bent.


Promo: Lacie HD 250GB voor 99 EUR

Een beetje sluikreclame voor niet de beste winkel hier uit de buurt, maar ‘t is wel een mooie promotie. Je kan er tot 6 december een Lacie harde schijf (design by Porsche) kopen voor 99 EUR.

Omdat ik niet te veel reclame wil maken, vermeld ik de winkelnaam niet, maar zeg ik wel waar het is: Halensebaan 145, 3360 Tielt-Winge.

Drie huizen verderop woon ik, dus ik was er al snel bij vanochtend (eigenlijk heb ik m’n broer gestuurd) om de HD te gaan halen. En nu heb ik eindelijk ook een goede externe backupmogelijkheid!


Als je computer …

… nu onherroepelijk zou crashen, hoe lang zou het dan duren eer je hem volledig weer aan de gang hebt?

Kan je deze vraag niet beantwoorden of denk je dat het langer dan 1 uur zou duren? Neem dan nu een backup. (Ja, nu onmiddellijk!)

Deze post is geschreven in het kader van bewust omgaan met computers (en het falen van deze laatste). Met de steun van een klein softwarebedrijfje in Redmond.


BZFlag: introductie & tips

Ik zal het al wel eens terloops gezegd hebben, maar ‘gamen’ is niet echt mijn ding. Ik ben er meestal niet zo goed in. Zeker die trage real life dingen waar je met enkele honderden mensen op een server afspreekt, zijn niet mijn ding.

Wat ik echter wél zeer leuk vind, zijn first-person-shooters. Vroeger speelde ik wel eens Unreal Tournament, maar dat verveelt al gauw, omdat de multi-player modus niet echt vooruit ging. Nu speel ik al, sinds begin vorig jaar, BZFlag.

BZFlag is een verslavend schietspel. Er is niet echt een story line. Je bent een tank en je schiet op andere tanks. Om het spel een beetje meer leven te geven, kunnen tanks springen en vlaggen oprapen. Zo’n vlag kan je tank dan ten goede komen (je kan vliegen, hebt een laser of shockwave, kan sneller schieten, …) of in je nadeel (je wordt trager, je kan enkel nog links draaien, …).

Bij de start van BZFlag, kies je een server (= map) waarop je wilt spelen. De servers waar ik het liefst op speel, zijn die van Mofo en WNC (Duitsland, dus zeer snel).

Als je nu denkt “oh, zo simpel”, think again. Je zal het in het begin geen twee minuten uithouden eer je moet ‘respawnen’. Zeker als je doelloos rondrijdt, zonder strategie, hou je het niet lang uit (het is te zeggen: je zal weinig succes hebben).

Om diegenen die het spel toch willen uitproberen even op weg te zetten, zal ik hieronder enkele tips opsommen die je in je voordeel kan gebruiken.

1. Spring niet als het niet moet

Eénmaal in de lucht, heb je geen controle meer over je tank (behalve dan als je de ‘Wings’ vlag hebt). Een tank die je onder schot houdt, zal zeer makkelijk je baan kunnen berekenen en enkele kogels afvuren, net voor je landt.
Als jij de aanvallende tank bent, gebruik dit dan in je voordeel. Vuur één schot af, zodat je tegenstander moet springen. Wacht dan tot je tegenstander gaat landen en schiet net voor hij landt, onder zijn tank.

2. Altijd in beweging blijven

Zeer simpel: een stilstaand doel is makkelijker te raken. Ook als je voor sniper speelt, zorg dat je in beweging blijft. Als het moet, rij dan gewoon constant voor- en achteruit ter plaatse.

3. Spring en draai

In noodsituaties kan je deze techniek gebruiken om op een achtervolgende tank te schieten. Als een tank je achtervolgt (maar niet onmiddellijk op je hielen zit), geef dan een harde slag links/rechts en spring. Je tank zal zich 180° draaien in de lucht en als je landt, kan je op je tegenstander schieten. Dit is een zeer moeilijke techniek om onder de knie te krijgen, maar zeer handig in combat-situaties, gezien het schrikeffect. Je draait immers sneller dan de tegenstander verwacht.

4. Hou altijd één kogel over

Schiet zoveel je wilt, maar hou altijd één kogel voor noodgevallen. Het duurt even eer de tank herlaadt, waardoor je je soms in situaties zal vinden dat je denkt “had ik nu nog maar een extra kogel…”. Op servers waar je maar 4 kogels per keer krijgt, tel je terwijl je schiet snel tot drie en stop je. Je tegenstander kan denken dat je leeggeschoten bent en schiet zijn tank ‘leeg’. Ontwijk de kogels en schiet je laatste kogel op hem.

5. Geleide raketten ontwijken

Dit is niet altijd haalbaar, maar als je dicht bij een vijand staat die de vlag ‘Guided Missile’ heeft, rij dan in een steeds kleiner wordende cirkel rond hem. Hij zal je niet kunnen raken. Net zoals voorgaande ga je in de aanval als je tegenstander ‘out of ammo’ is.

Krijg je al zin om het spel eens uit te proberen? Download dan een cliënt en begin. Wees niet te teleurgesteld als de eerste keer tegenvalt (je zal veel moeten respawnen). Alle begin is moeilijk. Als je maar lang genoeg speelt…

Als je iemand tegenkomt met de nickname ByteWarrior, just say hi and shoot me. :-)

technorati tags:, , ,


Review: Flock

Vandaag heb ik me ook eens aan Flock gewaagd. Flock is een browser, die volledig gebaseerd is op Firefox. Dat zal je ook wel merken als je Flock voor de eerste keer opstart. Toch heeft Flock nog enkele extraatjes die Firefox standaard niet aan boord heeft, waaronder volledige integratie met del.icio.us en de mogelijkheid om rechtstreeks op je blog te posten.

del.icio.us integratie

Als je gebruik maakt van de del.icio.us-dienst is Flock echt een verademing. Met Flock kan je zeer makkelijk een pagina "starren" en "taggen" en zo aan je collectie toevoegen. Hier zijn natuurlijk ook wel enkele nadelen aan. Zo zijn je bladwijzers ook beschikbaar voor anderen (niet altijd gewenst) en als de del.icio.us website even offline is, dan ben je, weliswaar tijdelijk, je bladwijzers kwijt.

Bloggen

Dit vind ik niet noodzakelijk, maar wel handig meegenomen. Als je een blog hebt, dan kan je vanuit Flock rechtstreeks naar je weblog posten. Dit instellen is zo makkelijk dat zelfs een kind het kan. Het enige dat je hoeft te doen is de URL van je weblog in te geven. Flock probeert dan zelf te detecteren welk weblogsysteem je gebruikt (WordPress in mijn geval). Daarna hoef je enkel je login en wachtwoord op te geven.

Met een druk op de knop open je een Post-interface in Flock waar je de account kan kiezen (ja, je kan meerdere weblogs instellen). Vergis je echter niet, de interface is vrij basic. De Flock weblogeditor ondersteunt vet, cursief, doorstreept, opsommingen, nummeringen en er is een spellingscheck ingebouwd. Tevens kan je de categoriën kiezen (met CTRL+klik zelfs meerdere) én je kan tags gebruiken.

Een wat meer geavanceerde mogelijkheid is dat je de broncode van de tekst kan bekijken en aanpassen. Handig om een te veel aan HTML-tags weg te halen voor je de post online plaatst.

Flickr

Veel bloggers maken tegenwoordig ook gebruik van Flickr. Ook Flock integreert Flickr in de interface. Hier kan ik echter niet meer over zeggen, gezien ik Flickr zelf niet gebruik, maar ik kan aannemen dat sommigen die wel handig vinden.

Flock is dus een browser die vooral geschikt is voor de meer community-minded surfer. Ik kan me voorstellen dat er binnenkort ook ondersteuning zou zijn voor Digg en andere online-speeltjes. Het grote voordeel is dat Flock gebaseerd is op Firefox en dat je alle Firefox-extensies in Flock kan gebruiken. De interface (het thema) is van Flock zou ik echter niet snel veranderen. Het ziet er zeer goed uit en ik vraag me af waarom Firefox dit thema ook niet standaard gebruikt.

Hoewel er soms wat vertraging op het bladwijzerbeheer zit (inladen duurt soms wel eventjes) is dit een zeer bruikbaar systeem. Ik ben er nog niet volledig voor gewonnen, maar misschien na een paar dagen gebruik… Als je zelf een fervent Firefox-gebruiker bent, en je hebt het wel voor del.icio.us, bloggen etc, dan zou ik je zeker aanraden om eens een kijkje te nemen naar Flock.


Jabberweb

Het heeft wat voeten in de grond gehad, maar het is er toch eindelijk gekomen! Jabberweb is eindelijk beschikbaarJabber logo voor het grote publiek. Enkele maanden geleden (ja, ‘t is al even terug) heb ik een artikel geschreven voor Livre. Daarin kondigde ik een nieuwe Jabber-community aan. En dat is Jabberweb!

Jabberweb levert ook enkele extraatjes. Zo kan je je Jabber-profiel via de website bewerken en kan je een statusindicator van je laten weergeven (op bijvoorbeeld fora of op je eigen website). Je kan ook webberichten sturen (van op het web naar iemands Jabberweb-account).

Voor Jabber-gerelateerde vragen kan je terecht op het Nederlandstalige forum. Logischerwijs zijn er ook enkele handleidingen voorhanden. Om het geheel ook voor beginners interessant te houden, hebben we een vergelijking tussen verschillende bekende Jabberclients gepubliceerd. Zo vind je zeer snel de Jabber-client die voor jou het meest geschikt is.

Inschrijvingen zijn voor iedereen open. Registreren is gratis. Website, forum en jabber zijn met elkaar gelinkt, je hoeft je dus maar op één plaats in te schrijven. Voor mensen die reeds een account hebben, is er voor gezorgd dat zij deze makkelijk kunnen migreren naar een Jabberweb-account.

Mocht je vragen hebben, dan kan je me altijd contacteren via m’n Jabberweb adres op ben@jabberweb.be . Let’s Jabber!


Tip #5: bijlage niet vergeten

Je kent het wel. Je moet een mailtje sturen naar iemand met een bijlage. Je vult het e-mailadres in, typt de mail en drukt op “Verzenden”. En dan zijn er enkele opties:

  1. Je ziet je fout nog net voor je op verzenden klikt en je kan toch nog een bijlage toevoegen.
  2. Je ziet je vergetelheid net te laat en stuurt direct een mailtje met het bestand (komt eigenlijk vrij klungelig over).
  3. Je heb helemaal niets door en merk je fout pas als de andere terugmailt met de tekst dat je “waarschijnlijk wel iets vergeten bent”.

Om dit alles te vermijden is er de AttachmentRemember extensie voor Thunderbird. Deze extensie zorgt ervoor dat de kans al heel wat kleiner is dat je nog een bijlage vergeet toe toe voegen.

De extensie scant de tekst op woorden als “bijlage”, “attachment”, “bijgevoegd”, etc. Je kan zelf ook woorden toevoegen natuurlijk. Als de extensie zo’n woord tegenkomt en er is geen bijlage, dan brengt de extensie je hiervan op de hoogte, vóór je de mail verzendt! Prachtig, niet? :-)


OpenDocument

Waarschijnlijk heb je wel gemerkt dat OpenOffice.org 2.0 vorige week is uitgekomen. Sinds deze versie is er veel veranderd. Hoewel de Nederlandstalige versie nog niet uit is (deze wordt binnenkort verwacht), is het toch de moeite om even stil te staan bij één van de grootste aanpassingen in OpenOffice.org 2.0, namelijk het OpenDocument bestandsformaat.

Onderteken de petitie!

Wat is het?

  1. Het OpenDocument formaat is een bestandsformaat dat gebaseerd is op XML. Concreet wilt dat zeggen dat het formaat leesbaar is voor machines (pc’s) en mensen. Het is dus geen binair formaat dat enkel kan gelezen worden door één bepaald programma.
  2. Het OpenDocument formaat is een open standaard. Je hangt dus niet af van één bedrijf. Vorig jaar werd OpenDocument verkozen tot OASIS-standaard. Dit wil zeggen dat OD de basis is voor alle toekomste office-toepassingen.

Het OpenDocument-formaat is trouwens niet één bestandsformaat, het is een verzameling van bestandsformaten. Je hebt immers ook verschillende toepassing: tekstverwerking, presentaties, spreadsheets, etc. Hiervoor zijn dus allemaal aparte OpenDocument-standaarden (en -extensies) opgesteld. De extensies zien er uit als .odt, .odp, .ods. Logischerwijze staan de eerste twee letters (od) voor OpenDocument en de laatste letter voor de soort (t = text, p = presentation, s = spreadsheet). Zo is alles makkelijk te herkennen.

Het stopt trouwens niet bij gewone documenten. Het OpenDocument formaat omvat ook templates. Die extensies zien er dan uit als .ott, .otp, .ots, … . Die zijn te lezen als OpenDocument Template Text enzovoorts.

Waarom is het belangrijk?

Open standaarden zijn nog nooit zo belangrijk geweest als nu. Onze overheden willen steeds meer en meer overschakelen op digitaliseren, zodat iedereen de nodige documenten zelf kan downloaden. De overheden kampen nu met het probleem dat er geen algemene standaard is. Je kan de mensen wel een bestand aanbieden in het MS Word-formaat (.doc), maar dan zijn er andere mensen die dit formaat niet kunnen lezen.

We streven dus naar een ééngemaakt formaat, dat alle programma’s kunnen lezen en schrijven. Het grote voordeel is dat je dan ook niet meer afhankelijk bent van één programma. Iedereen gebruikt het programma dat hij wenst te gebruiken en hoeft zich geen zorgen meer te maken over de persoon aan de andere kant van de lijn. Het uitwisselen van bestanden wordt dus wel zeer makkelijk gemaakt.

Waar staan we al?

Het OpenDocument formaat staat al zeer ver. Het is immers al verkozen tot een OASIS standaard. OASIS is een non-profit organisatie die zich inzet voor de ontwikkeling en uitvoering van e-business standaarden. Verschillende grote namen hebben al voor de OpenDocumentstandaard gekozen. De belangrijkste zijn IBM, Intel, Adobe, Corel en Sun Microsystems.

Zoals ik al aanhaalde, is OpenDocument verkozen tot een OASIS standaard. De grote tegenstander was Microsoft met MS XML (het bestandsformaat van Microsoft). Dit is een zeer grote overwinning. Microsoft is niet van plan om het OpenDocument formaat te implementeren in MS Office. Dit is eigenlijke een rare zet, aangezien Microsoft zelf lid is van de OASIS-groep. Andere belangrijke Office Suites gaan wel gebruik maken van de OpenDocument standaard: OpenOffice.org (vanaf 2.0 lezen en schrijven) en StarOffice, KOffice, Lotus 1-2-3, IBM Workplace, WordPerfect, Adobe Framemaker, Adobe Distiller, …

De overheid van Massachusetts (USA) staat volledig achter het OpenDocument formaat en gebruikt het al voor onderlinge uitwisselingen (tussen de verschillende departementen). De Europese Commissie heeft al laten weten dat ze zeer geïnteresseerd zijn in zo’n open formaat.

Wat brengt de toekomst?

Men is van plan om van het OpenDocument formaat ook een ISO standaard te maken. Doordat ODF al goedgekeurd is door OASIS, is het ook makkelijker om er een ISO-standaard van te maken. OASIS is namelijk één van de enige organisaties die voorstellen rechtstreeks mag indienen om er een ISO-standaard van te maken. Andere voorstellen moeten eerst grondig gecontroleerd worden (wat het werk natuurlijk vertraagd).

Eénmaal ODF een ISO-standaard is, zal de Europese Commissie de ODF-standaard ook ter hande nemen. Het is dan niet ondenkbaar dat de Commissie de overheden verplicht om de ODF-standaard te gebruiken. Eénmaal die stap gezet is, zal het zeer snel gaan. Bedrijven zullen dan ook al gauw overschakelen op deze standaard, gezien het voor bedrijven ook niets dan voordelen heeft qua interopterabiliteit.

Meer en meer programma’s zullen deze standaard ook gaan implementeren. Er zijn ondertussen ook al verschillende petities aan op gang gebracht om Microsoft te overtuigen de OpenDocument standaard toch te implementeren in MS Office. Ondertussen zijn er al projecten gestart om MS Office documenten automatisch om te vormen tot documenten in het OpenDocument formaat. De wereld staat dus niet stil, zelfs als Microsoft beslist om niet mee te doen.

Conclusie

Volgens mij is het OpenDocument Format de beste optie om eindelijk onder het juk van Microsoft uit te komen. Nog nooit zijn we zo ver geraakt wat betreft open standaarden. Ik ben er van overtuigd dat we over een jaar allemaal gebruik gaan maken van de OpenDocument standaard. En niemand zal ooit nog moeten vragen of je Word gebruikt of OpenOffice.org. Mijn leven zal er alleszins makkellijker door worden…

Bronnen


Zinnige e-mails schrijven

Niet iedereen schrijft op dezelfde manier e-mails. Een grootmoeder die haar kleinkind een e-mailtje stuurt, zal haar e-mail anders opstellen dan iemand die in een internationaal bedrijf werkt en dagelijks tientallen (zo niet honderden) mailtjes te verwerken krijgt. Dit artikel is gericht op die laatste categorie: de power-users.

In deze tijd is het e-mailgebeuren niet meer weg te denken uit een bedrijf. Het is al even noodzakelijk geworden als een telefoon. E-mail heeft de telefoon misschien zelfs al overstegen, zeker wat betreft het eenvoudigheid in het gebruik. Dit wilt echter ook zeggen dat er steeds meer en meer e-mails gestuurd en ontvangen worden.

Je kan natuurlijk je mails handig sorteren in mappen of je kan ze taggen. Toch zal je al de mails moeten doorlezen en dat kan, afhankelijk van het aantal ontvangen mailtjes, een tijdrovend werk zijn. Als de persoon die de e-mail schrijf zich aan enkele makkelijk te onthouden regeltjes houdt, maakt deze het al makkelijker voor de ontvanger om de mails te behandelen. Zeker in een bedrijfsomgeving kan dit een grote tijdwinst opleveren. De tips die hierna staan, zijn dus vooral gericht op de verzender van de mails.

Weet waarom je schrijft

Stel jezelf even de volgende vragen voor je een e-mail schrijft: - Waarom schrijf ik dit? - Wat is het gewenste resultaat van dit bericht?

Als je geen goed antwoord kan bedenken voor deze vragen, kan je misschien beter geen mail sturen. Een mail minder geschreven is een mail minder om te lezen. Op mails die zonder gegronde reden verstuurd worden, wordt meestal een onzinnig antwoord gegeven. Dat is niet enkel verspilling van iemand anders’ tijd, maar ook van jouw tijd. Beperk dus het aantal mails dat je verstuurt.

Duidelijke vraagstelling

Je kan een onderscheid maken tussen drie types van bedrijfsmails:

  1. Informatieve mails: “Het document x werd gisteren ondertekend.”
  2. Mails die naar informatie vragen: “Werd het document x al ondertekend?”
  3. Mails waar een actie voor nodig is: “Kan je ervoor zorgen dat document x ondertekend wordt?”

Voor de ontvanger zou het al vanaf het begin zeer duidelijk moeten zijn tot welk type jouw e-mail behoort. Op een informatieve mail wordt immers geen antwoord verwacht. Op de twee andere soorten mails wel. Daarom is het belangrijk om deze informatie zo snel mogelijk duidelijk te maken aan de ontvanger, als het kan in de eerste regel zelfs al. Geef de meeste belangrijke informatie dus het eerst.

Als je niet zeker weet of je doel wel duidelijk genoeg is, typ het er dan gewoon bij. Dit kan iets zijn als: “Ik verwacht van jou dat je document x laat onderteken door persoon y.” Of het kan korter: “Laat doc. x onderteken door y aub.” Zo is onmiddellijk duidelijk wat er moet gebeuren.

Het onderwerp

Een goed onderwerp kan aan de ontvanger zeer snel duidelijk maken waarover de mail juist gaat. Dit is naar mijn mening één van de dingen waar binnen een bedrijf te weinig aandacht aan geschonken wordt. Hoe vaak krijg je geen mails met als onderwerp “Meeting”? Als iemand je dan iets komt vragen hierover, ben je urenlang aan het zoeken om net dat mailtje tussen de tientallen andere meeting-mails uit te halen.

Probeer de kern van de mail al duidelijk te maken vanaf het onderwerp. “Meeting jaarlijkse budgetberekening @ 15 okt” is duidelijker dan gewoon “Meeting”.

Gebruik afkortingen om het doel of de actie al in het onderwerp te verwerken. Enkel afkortingen:

  • MEET: meeting
  • RR: response required
  • AR: action required
  • PERS: personal
  • REMIND: reminder
  • FYI: for your information

Het net aangehaalde voorbeeld wordt dan nog korter geformuleerd: “MEET: jaarlijkse budgetberekening @ 15 okt”.

Een bijna niet gebruikte toepassing van het onderwerp is de “lege mail”. Hierbij stuur je een mailtje met enkel een onderwerp, zonder inhoud. In het onderwerp staat dan alle belangrijke informatie. Vergelijk het met een SMS’je. Hierdoor bespaar je de ontvanger de moeite om een uitgebreide mail te lezen. Zeker bij kleine mailtjes is dit zeer tijdbesparend, voor de twee partijen. Eindig altijd je onderwerp met -eom- (End Of Message). Dit maakt duidelijk dat de ontvanger niet meer verder hoeft te lezen. Een voorbeeld: “FYI: Document x getekend -eom-”.

Minder is meer

Je kent ze wel: de epistels die sommige mensen durven schrijven. Je opent de mail en denkt onmiddellijk: “oh nee…”. Sommige mensen maken, tot ergernis van de ontvangers, kortverhalen van hun mails. Stel je voor dat je zelf zo’n mail moet beginnen lezen. Of erger nog: stel je voor dat je iedere dag 20 van zulke mails moet lezen.

Het is niet enkel een nadeel voor de ontvanger, maar ook voor de verzender. De ontvanger gaat de mail immers niet grondig meer lezen, door de hoeveelheid aan (waarschijnlijk overbodige) tekst. De inhoud wordt dus maar geskimt, waardoor de clue soms gemist wordt. Beperk de tekst van je e-mails dus tot enkel het noodzakelijke. De ontvanger zal dan de moeite doen om alles te lezen, waardoor de boodschap goed overkomt.

Een richtlijn is dat je de tekst zo kort moet houden dat je niet hoeft te scrollen om het allemaal te lezen. Voor de meeste mensen volstaat een maximum van 1200 tekens per mail. Enkel als je bijvoorbeeld de inhoud van een vergadering uitschrijft in de mail, kan je dit overschrijden.

Is er een actie vereist?

Heb je al mails ontvangen waarvan je dacht: “wat moet ik hier nu mee doen?” Soms is het niet duidelijk of de verzender een antwoord verwacht of niet. Als je een aandachtige lezer hebt, zal die waarschijnlijk wel antwoorden, maar laten we er maar van uitgaan dat iedereen die in een bedrijf werkt, gehaast is en dus meestal niet aandachtig leest. Dat zit je met een probleem als je onduidelijke boodschappen uitstuurt.

Daarom is het altijd handig om onderaan de mail, als laatste paragraaf, te zeggen wat er verwacht wordt van je contactpersoon. Dit kan zeer kort zijn. Om bij ons voorbeeld te blijven, wordt dit: “Zorg ervoor dat document X ondertekend wordt door …” Zo is onmiddellijk duidelijk wat er moet gebeuren. De tekst wordt soms nog in het vet gezet, omdat de actie het belangrijkste doel is van de mail.

Denk nu zeker niet dat dit overkomt als een bevel. De meeste mensen appreciëren het wel als je zo’n “actiepunt” in je mail vermeld. Het maakt het hen immers makkelijker om de mail te begrijpen. Het spreekt voor zich dat de toon van de tekst aangepast dient te worden aan de persoon naar wie je schrijft. Een CEO van een groot bedrijf zal je iets vriendelijker moeten benaderen om iets gedaan te krijgen. ;-)

Niet mixen

Sommige mensen lijken het maar niet te snappen: één onderwerp per mail. Door verschillende onderwerpen door elkaar te halen, verwar je enkel de lezer(s). Een mail is gratis (nu toch nog), dus het kan zeker geen kwaad om een mailtje te veel te sturen.

Zorg dus dat je nooit de laatste budgetteringsmaatregelen onderaan de mail zet waarin je een mederwerker feliciteert omdat hij net vader is geworden. De kans is groot dat de bugetteringsmaatregelen nooit gelezen worden.

Het mixen van onderwerpen kan ook nog ergere gevolgen hebben. Stel je even voor dat je een mail stuurt naar je naaste medewerker met zowel confidentiële informatie als informatie die beschikbaar moet komen voor een projectteam. Je medewerker denkt even niet na en forward de ganse mail naar het projectteam. Je kan je wel inbeelden wat er dan gebeurt.

Maak het makkelijk om te quoten

De meeste mensen (vooral de Outlookgebruikers) plaatsen het ganse bericht onderaan en quoten bovenaan. Al eens bekeken hoe de laatste mails van een discussie er dan uitzien? Tientallen mailtjes met ingesprongen tekst. En niemand weet nog wie waarop gereageerd heeft.

Daarom draagt de Usenet-manier van quoten mijn voorkeur weg. Het principe is simpel: quote onmiddellijk onder de tekst waarop jouw antwoord betrekking heeft en verwijder overtollige informatie. Zo beperk je de tekst in de e-mail tot het hoogstnoodzakelijke.

Wat is nu de truuk? Wel, je moet het de ontvanger van de mail zo makkelijk mogelijk maken om zo te quoten. Zorg er voor dat je maar één idee per paragraaf aanhaalt. Tussen elke paragraaf laat je een witregel zodat het verschil duidelijk is. De ontvanger kan dan sneller quoten.

Zelfs al quot je Outlook-style, dan hou je je nog best aan het “1 idee per paragraaf”-principe. Dit maakt het immers voor jou ook makkelijker om al je ideeën op een rijtje te zetten terwijl je de mail schrijft én achteraf als je de mail nog eens moet lezen.

Bedankjes

Eén van m’n favorieten: de bedankjes. Een mail met enkel “Bedankt voor …”. Versta me niet verkeerd: ik lees de zulke mails ook wel graag, maar ze horen niet echt thuis in de bedrijfsmail. Iedereen doet zijn werk zo goed mogelijk. Als ik iemand wil bedanken voor het werk dat hij/zij gedaan heeft, dan spreek ik hem/haar er persoonlijk over aan. Zo heb ik het zelf ook liever. Iemand aanspreken heeft meer impact dan een mailtje (dat waarschijnlijk toch onmiddellijk weggekeild wordt). Je appreciatie voor iemand uitdrukken is belangrijk, maar volgens mij niet zo belangrijk dat je iemands mailbox er mee moet overspoelen.

Nog even samenvatten:

  • Is de mail wel nodig?
  • Verzin een goed onderwerp.
  • Hou de tekst kort.
  • Vertel de ontvanger wat hij moet doen (of niet doen).
  • Eén onderwerp per mail.
  • Maak het makkelijk om te quoten: één idee per paragraaf.
  • Bedank iemand persoonlijk.

Als je je aan deze simpele regeltjes houdt, zal je merken dat je sneller en duidelijker antwoord gaat krijgen op je mails. Je contactpersonen zullen zich na enige tijd automatisch ook van deze regels gaan bedienen. Zeker in de wat kleinere bedrijven worden zulke praktijken vrij snel (meestal onbewust) overgenomen door de medewerkers.

Probeer het zeker uit!


Waarschuwingsvenstergewenning

Heb je dat ook dat je soms te snel op OK klikt en dat je daarna denkt “Shit, dat wou ik helemaal niet!”. Ik denk dat de meeste mensen dat al gehad hebben. Meer zelfs. Iedereen die met een pc werkt heeft al wel eens ervaren dat hij te snel met de cursor naar de OK knop ging.

Je merkt het meestal pas als het te laat is. Zeker als er belangrijke gegevens op het spel staan. Murphy’s Law, noemt dat dan. “Delete all?”. “Yes … euh … NOOOOOO!!!” Ga eens even na. Hoeveel gegevens zou je zo per ongeluk overschreven of verwijderd hebben? Even tussen ons: ik al zeer veel.

Dialoogvenster: Wilt u al uw bestanden verwijderen?Een dialoogvenster zoals er velen zijn.

Dialoogvensters zijn handig, maar soms overbodig. Denk bijvoorbeeld aan het dialoogvenster “Echt naar de prullenmand verwijderen?” (of iets in die aard). Djeezes. Het wordt gewoon naar de prullenmand verplaatst, niet verwijderd. Als je per ongeluk een verkeerd bestand “naar de prullenmand verplaatst”, kan je het toch nog terughalen. Dat is het hele idee achter die prullenmand onder Windows. Waarom vragen ze het dan nog eens?

Het zijn net die nutteloze vragen die ervoor zorgen dat de gebruiker went aan de waarschuwingsvensters. Je ziet een venster opduiken en je klikt op OK zonder de tekst te lezen, zelfs zonder te denken waarom er juist een waarschuwingsvenster verschijnt. In Linux heb ik dat probleem niet. Als ik iets verwijder, is het ook daadwerkelijk weg (ik gebruik XFce, dus geen prullenbak voor mij!). Ik denk dan ook twee keer na voor ik op OK zal klikken. Onder Linux krijg je sowieso minder dialoogvensters die om aandacht schreeuwen.

Wat eigenlijk bedoeld is als iets om de gebruiksvriendelijkheid ten goede te komen, draait plotseling helemaal anders uit. Gebruikers negeren immers de waarschuwingsvensters. En dat is net iets dat je wilt vermijden. Wat kan er aan gedaan worden? Op het vlak van het besturingssysteem is het simpel: toon enkel een waarschuwing als het ook echt nodig is om te waarschuwen. Je moet niemand waarschuwen om een bestand te verplaatsen, wel als datzelfde bestand een anders bestand gaat overschrijven;

De gebruiker kan echter ook enkele maatregelen treffen om beter met zulke waarschuwingsvensters om te gaan. Schakel bijvoorbeeld de prullenmand uit. Je zal dan nog één keer iets verwijderen zonder na te denken, maar daarna onthou je het wel. :-) Na een tijdje zal je merken dat je meer en meer actief bezigbent met het nadenken als je zulke handelingen uitvoert. Als je dan op een pc begint te werken waar het ook echt een verschil uitmaakt (bijvoorbeeld op het werk), zal je mentaal ook beter voorbereid zijn op wat er mis kan gaan. Het grootste probleem met deze aanpak is dat het “vangnet” voor Windows gebruikersweg is. Want wie gebruikt er de prullenmand nu niet om een verkeerd verwijderd bestand terug te halen?

Het punt is vooral dat je niet gewend mag geraken aan het OK klikken. Als ontwikkelaar zou ik bijvoorbeeld regelmatig de OK knop van plaats veranderen. Ik bedoel hiermee niet dat de OK en de Annuleren-knop iedere keer van plaats gewisseld moet worden, maar er moet wel wat meer variatie komen in de teksten en in de plaatsing van de knoppen. Zo moet het mogelijk zijn om de ene keer de knoppen uiterst links te plaatsen, de andere keer in het midden en nog een andere keer volledig rechts. Je denkt dan niet “pff, nog eens hetzelfde venster”, gewoon omdat de plaatsing van de items veranderd is.

Misschien komt er ooit nog wel een betere oplossing uit de bus…

Vraag: Ben jij een OK-klikker of doe je nog de moeite om alle dialoogvensters te lezen?


« Ouder | Nieuwer »